<!DOCTYPE book PUBLIC "-//OASIS//DTD DocBook V3.1//EN">
<!-- Dit is het SGML-bronbestand van de Linux Administration Made Easy -->

<Book>
   
<!-- Titel informatie -->

<BookInfo>
<Title>Linux Administration Made Easy</Title>
<Author><FirstName>door Steve Frampton, &lt;frampton@LinuxNinja.com&gt;
</FirstName></Author>
<Author><FirstName>Vertaald door: Ellen Bokhorst, &lt;bokkie@nl.linux.org&gt;
</FirstName></Author>
<PubDate>21 oktober 1999</PubDate>
<ReleaseInfo>v1.06, 21 oktober 1999</ReleaseInfo>

<Abstract>
<Para>De gids <Quote>Linux Administration Made Easy</Quote>
(<Acronym>LAME</Acronym>) probeert het dagelijks beheer en onderhoud
te beschrijven waar Linux systeembeheerders gewoonlijk mee worden
geconfronteerd. Het maakt onderdeel uit van het Linux Documentatie Project.
</Para>
</Abstract>
</BookInfo>

<!-- Inhoudsopgave -->

<TOC></TOC>

<!-- Begin het document -->

<Chapter id="preface"><Title>Voorwoord</Title>

<Sect1 id="acknowledgements"><Title>Erkenningen</Title>

<Para>Ik zou graag de Linux-gemeenschap willen bedanken; in het bijzonder
die leden die hebben deelgenomen aan USENET en mailinglijsten met zeer
behulpzame tips, antwoorden, en suggesties over hoe Linux op z'n best te
gebruiken is. Jullie bijdragen zijn nuttig voor ons allemaal.</Para>

<Para>Dit document werd in het DocBook SGML-formaat geschreven, en vervolgens
met behulp van SGMLTools 2.x in een diversiteit aan documentformaten weergegeven, waaronder HTML, postscript, Rich-Text-Format, en PDF. Zie 
de website van het project op <ULink URL="http://www.sgmltools.org/">
http://www.sgmltools.org/</ULink> voor meer informatie over de SGMLTools.</Para>

</Sect1>

<!--***********************************************************************-->
<!--Let op: hier begint het copyright, niet vertalen-->

<Sect1 id="copyright-and-disclaimer"><Title>Copyright Information and Legal Disclaimers</Title>

<Para>Copyright &copy; 1997-1999 by Steve Frampton. This material may
be distributed only subject to the terms and conditions set forth in the
Open Publication License, v0.4 or later (the latest version is presently
available at <ULink URL="http://www.opencontent.org/openpub/">
http://www.opencontent.org/openpub/</ULink>).</Para>

<Para>I've written this documentation and am providing it free to the
Linux community as a public-service.  I have made every attempt to ensure
that the information contained herein is timely, accurate, and helpful,
but in no way will I be held liable for any damage(s) caused directly or
indirectly by any misinformation contained herein.</Para>

<Para>I will not appreciate being flamed for any errors or omissions.  
However, if you notice a glaring inaccuracy, or have suggestions for
further improvement, please, let me know.  However, please check the
version number and date of this document (see the table of contents) to
ensure you are looking at the most recent version.  If this document is
more than three months old, please check the Linux Documentation Project
home page at
<ULink URL="http://metalab.unc.edu/LDP/">http://metalab.unc.edu/LDP/</ULink>
in case a newer version is available.</Para>

<Para>This document, currently, should be considered moderate-beta. I
began writing it in 1997, and continue to update it as time permits.  
Development in the Open Source community continues at a rapid pace, and at
times it is a challenge to keep this document up to date.  As such, this
document may have one or more sections which contain obsolete
information.</Para>

<Para>In short, I make no guarantees for any of this information to be
correct.  If it helps you out, that's great!</Para>

<!--********************************************************************-->
<!-- einde copyright -->

</Sect1>

<Sect1 id="help-plea"><Title>Een dringend verzoek om Hulp</Title>

<Para>Als je dit document van nut vindt en er graag je waardering voor wilt
laten blijken, overweeg dan alsjeblieft een donatie aan een goed doel. 
<!-- a local food bank doesn't exist in the Netherlands, so I left it out,
therefore I made it more general, just a donation  , het doneren van
een of twee voedingsartikelen aan je lokale food bank.-->
</Para>

</Sect1>

</Chapter>

<Chapter id="introduction"><Title>Introductie</Title>

<Para><Emphasis>Linux 2.2.0, released 25-Jan-99: Onwards to World
Domination...</Emphasis></Para>

<Para>Misschien dat Linux tamelijk nieuw voor je is en dat je hoopt
hierin een samenvatting te vinden van de soort configuratie en 
beheertaken die van tijd tot tijd benodigd kunnen zijn. 
Als dit voor jou geldt, is dit document misschien nou net waar
je naar op zoek was!
</Para>

<Sect1 id="scope"><Title>Strekking</Title>

<Para>In deze documentatie wordt een poging ondernomen de installatie
en configuratie samen te vatten, als ook de dagelijkse beheer-
en onderhoudsprocedures die zouden moeten worden gevolgd om een server of
desktop-systeem gebaseerd op Linux beschikbaar en werkend te houden.
Het is gericht op zowel bedrijfs- als thuisgebruikers.
Het is niet bedoeld als een volledig overzicht van
Unix-bewerkingen, aangezien er verscheidene goede teksten beschikbaar zijn
als ook online documentatie waarnaar kan worden gerefereerd in die gevallen
waar meer gedetailleerde informatie is vereist.
</Para>

<Para>In het algemeen kan je Linux-systeem met een minimum aan
gebruikersbeheer werken. Routinetaken, zoals het draaien en verwijderen
van systeemlogs zijn geautomatiseerd. Daarom zal Linux voor het grootste
deel zelfs met zeer weinig tussenkomst van de gebruiker zijn taak prima
volbrengen. Echter in situaties met aangepaste benodigdheden of 
het falen van het systeem zal deze documentatie zijn nut kunnen bewijzen.
</Para>

<Para>Ik gebruik Linux op het moment zowel thuis als op mijn werk.
Het is me goed van dienst geweest en het heeft nu al meer dan vier
jaar als een betrouwbare Internet en bestands/printer-service voor mijn
werkgever gefunctioneerd.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="choosing-linux"><Title>Uitkiezen van een Linux Distributie</Title>

<Para>Er is een zeer grote vari&euml;teit aan Linux-distributies waar je
uit kunt kiezen. Alle distributies bieden dezelfde basis bestaande uit de
Linux-kernel en systeemtools, maar ze verschillen in installatiemethode
en gebundelde applicaties. Iedere distributie heeft zijn eigen voordelen
als ook nadelen, dus je doet er verstandig aan wat tijd te spenderen aan
het onderzoeken welke features in een gegeven distributie beschikbaar zijn,
voordat je beslist welke je wilt.
</Para>

<Para>Hierna volgt een lijst met een paar te bezoeken websites,
die een beschrijving geven van de gegeven Linux distributie als ook in
informatie voorzien over hoe je het kunt downloaden of aan kunt schaffen:
</Para>

<VariableList> <VarListEntry> <Term><ULink
URL="http://www.redhat.com/">http://www.redhat.com/</ULink</Term>
<ListItem><Para>De Red Hat distributie, door de commerci&euml;le verkoper
Red Hat Software, Inc. is &eacute;&eacute;n van de meest populaire 
distributies. Red Hat 6.1 is met een keuze uit GUI- en op tekst gebaseerde
installatieprocedure waarschijnlijk de eenvoudigst te installeren
Linux-distributie. Het biedt eenvoudig upgrade en package-beheer via het
``<Literal>RPM</Literal>'' utility, en
bevat zowel de GNU Network Object Model Environment
(<Emphasis>GNOME</Emphasis>) als de ``K Desktop Environment''
(<Emphasis>KDE</Emphasis>), beiden zijn populaire GUI window managers
voor het X Window Systeem. Deze distributie is beschikbaar voor de Intel,
Alpha, en Sparc platformen.</Para></ListItem> </VarListEntry>

<VarListEntry> <Term><ULink
URL="http://www.debian.org/">http://www.debian.org/</ULink></Term>
<ListItem><Para>De Debian distributie, door de non-profit organisatie bekend
als <Quote>Het Debian Project</Quote> is de lieveling van de Open Source
gemeenschap. Het biedt ook eenvoudig upgrade en package-beheer via het
``<Literal>dpkg</Literal>'' utility. Deze distributie is beschikbaar voor
de Intel, Alpha, Sparc, en Motorola (Macintosh, Amiga, Atari) platformen.</Para></ListItem>
</VarListEntry>

<VarListEntry>
<Term><ULink URL="http://www.suse.com/">http://www.suse.com/</ULink></Term>
<ListItem><Para>De S.u.S.E. distributie, door commerci&euml;le verkoper
S.u.S.E., is een andere populaire distributie, en is de leidende distributie in
Europa. Het bevat de ``K Desktop Environment''
(<Emphasis>KDE</Emphasis>), en biedt ook eenvoudig upgrade en package-beheer
via het ``<Literal>YaST</Literal>'' utility. Deze distributie is beschikbaar
voor zowel Intel als Alpha platformen.
</Para></ListItem>
</VarListEntry>

<VarListEntry>
<Term><ULink URL="http://www.caldera.com/">http://www.caldera.com/</ULink></Term>
<ListItem><Para>De OpenLinux distributie, door commerci&euml;le verkoper
Caldera, is gericht op gemeenschappelijke gebruikers. Met de nieuwe
OpenLinux 2.2 release, heeft Caldera de barri&egrave;re overtroffen en het
schijnt de eenvoudigst te installeren Linux-distributie te zijn die
vandaag de dag beschikbaar is. Bovendien wordt het standaard geleverd met de
``K Desktop Environment'' (<Emphasis>KDE</Emphasis>). Deze
distributie is alleen beschikbaar voor het Intel platform.</Para></ListItem>
</VarListEntry>

<VarListEntry>
<Term><ULink URL="http://www.linux-mandrake.com/">http://www.linux-mandrake.com/</ULink></Term
<ListItem><Para>De Mandrake distributie, door commerci&euml;le verkoper
MandrakeSoft S.A., integreert de Red Hat of Debian distributies (naar keuze)
met aanvullende waarde toevoegende software packages dan die
zijn opgenomen in de originele distributies.
</Para></ListItem>
</VarListEntry>

<VarListEntry>
<Term><ULink URL="http://www.slackware.com/">http://www.slackware.com/</ULink></Term>
<ListItem><Para>De Slackware distributie, door Patrick Volkerding van
Walnut Creek Software, is de grootvader van moderne Linux-distributies.
Biedt een tamelijk eenvoudige installatieprocedure, maar een
mager upgrade en package-beheer.
Nog steeds gebaseerd op de libc library's maar bij de volgende versie
zal waarschijnlijk worden overgegaan naar de nieuwere glibc.
Aanbevolen voor de meer technische gebruikers en die bekend zijn met
Linux. Deze distributie is alleen beschikbaar voor het Intel-platform.
</Para></ListItem>
</VarListEntry>

</VariableList>

<Para>Het opsommen van alle beschikbare distributies valt buiten het kader
van dit document, dus heb ik slechts de populairste opgesomd.
Verdere informatie over de beschikbare distributies is echter te vinden in
de ``<Emphasis>Distribution-HOWTO</Emphasis>'', beschikbaar op <ULink
URL="http://metalab.unc.edu/LDP/HOWTO/Distribution-HOWTO.html">
http://metalab.unc.edu/LDP/HOWTO/Distribution-HOWTO.html</ULink></Para>

<Tip><Para>Tip: Als je besluit je distributie op CD-ROM te kopen, kun je
bij andere verkopers wellicht betere prijzen treffen.
(Ik was bijvoorbeeld heel tevreden met verscheidene
transacties met de op Internet gebaseerde software-verkoper
<ULink URL="http://www.cheapbytes.com/">http://www.cheapbytes.com/</ULink>).
Aan de andere kant wil je misschien de hogere prijs neertellen aan de
distributie-verkopers om er zeker van te zijn dat wat ze aanbieden
nog verder wordt verbeterd.
</Para></Tip>

<Para>Mijn keuze viel op de distributie Red Hat Linux (het schijnt ook
onbetwistbaar de meest populaire distributie onder Linux-gebruikers te zijn).
Gedurende bijna drie jaar, was ik een verknochte Slackware fanatiekeling
(daarvoor had ik wat gerommeld met een kleine distributie van tsx-11
in de tijd van kernel 0.90a) en alhoewel ik Red Hat in het verleden
heb uitgeprobeerd, kon ik mezelf er niet toe brengen iets goeds over
hun distributies te zeggen. Toen probeerde ik Red Hat 5.1, en bemerkte
dat ik al snel was bekeerd! Naar mijn mening, zit Red Hat met 5.1
eindelijk <Quote>goed</Quote>.</Para>

<Para>Een aantal redenen waarom ik een fan van de Red Hat
distributie werd, is het installatie-gemak, de ondersteuning voor meerdere
platformen (tot voor kort was Red Hat de enige distributie-verkoper die
zijn distributie leverde voor Intel, Alpha, en Solaris platformen), en
bovenal de RPM package-beheerder. Bovendien plaatsen ze updates van 
RPM's op hun FTP-site (op <ULink URL="ftp://ftp.redhat.com/redhat/updates/">ftp://ftp.redhat.com/redhat/updates/</ULink>)
als ze beschikbaar komen, wat een goede manier is om je systeem bijgewerkt
en vrij van enige bugs of beveiligingsproblemen, die van tijd tot tijd 
worden ontdekt, te houden.
</Para>

<Para>Sinds het voor het eerst laden van Red Hat 5.1 op een
andere reserve computer op het werk voor testdoeleinden, heb ik twee
van onze belangrijkste Internet/File &amp;Print servers omgezet van Slackware
naar Red Hat en heb daar nog geen spijt van gehad. Ik heb het ook op mijn
systeem thuis geladen en installeerde het ook op drie andere systemen
die als lichte servers dienen. Bovendien kreeg ik de kans niet alleen met de
versies die op Intel zijn gebaseerd te spelen maar ook met de op Alpha- en
de Sparc gebaseerde versies. Ik heb onlangs alle Linux-systemen waarvoor
ik verantwoordelijk ben, overgezet naar Red Hat 6.1.
</Para>

<Para>Daarom heeft dit document beslist een Red Hat <Quote>feel</Quote>
en is het 't meest relevant voor de Intel-gebaseerde 6.1 versie. 
Echter hopelijk zal het meeste of tenminste iets van de informatie in
dit document ook nuttig zijn voor gebruikers van andere distributies.
</Para>

</Sect1>

</Chapter>

<Chapter id="linux-overview"><Title>Linux Overzicht</Title>

<Para>Welkom bij Linux!</Para>

<Sect1 id="what-is-linux"><Title>Wat is Linux?</Title>

<Para>Linux is een echt 32-bit besturingssysteem dat draait op een diversiteit
aan verschillende platformen, waaronder Intel, Sparc, Alpha, en Power-PC
(op een aantal van deze platformen zoals de Alpha, is Linux in feite 64-bit).
Er zijn bovendien andere ports beschikbaar, maar daar heb ik geen ervaring mee.
</Para>

<Para>Linux werd voor 't eerst ontwikkeld in het begin van het jaar 1990, 
door een jonge Finse toen-universiteits student genaamd Linus Torvalds.
Linus had thuis een 386 box en besloot een alternatief op het Minix-systeem,
gebaseerd op de 286'r te schrijven (een klein op unix lijkende implementatie
voornamelijk gebruikt in besturingssysteemklassen), om voordeel te hebben van
de extra instructieset die op de toen nieuwe chip beschikbaar was, en begon
een kleine kale kernel te schrijven.</Para>

<Para>Tenslotte kondigde hij zijn kleine project aan in de
USENET groep <ULink URL="news:comp.os.minix">comp.os.minix</ULink>, met 
de vraag of er ge&iuml;nteresseerden waren om ernaar te kijken en misschien
aan het project bij te dragen. De resultaten waren fenomenaal!
</Para>

<Para>Wat zo interessant is aan Linux, is dat het volledig vrij is!
Linus besloot de GNU Copyleft licentie van de Free Software
Foundation over te nemen, wat betekent dat de code door een copyright is
beschermd in die zin dat het altijd voor anderen beschikbaar moet zijn.
</Para>

<Para>Vrij betekent <Emphasis>vrij</Emphasis> -- je kunt het vrij
krijgen, het vrij gebruiken en je bent er zelfs vrij in het met winst
te verkopen (dit is niet zo vreemd als het klinkt; verscheidene
organisaties, waaronder Red Hat, hebben de standaard Linux kernel
met een verzameling GNU utilities verpakt en daarin hun eigen
<Quote>soort</Quote> applicatie bij ingesloten en ze verkopen ze als
distributies. Een aantal algemene en populaire distributies zijn
Slackware, Red Hat, SuSe, en Debian)!  Wat er zo geweldig aan is, is dat
je toegang hebt tot de broncode wat betekent dat je de besturingssystemen
naar <Emphasis>eigen</Emphasis> inzicht aan kunt passen, niet die 
van de <Quote>doelmarkt</Quote> van de meeste commerci&euml;le verkopers.
</Para>

<Para>Linux kan en zou moeten worden aangemerkt als een
geheel ontwikkelde implementatie van unix.
Het kan echter geen <Quote>Unix</Quote> worden genoemd; niet vanwege
incompatibiliteiten of gebrek aan functionaliteit, maar omdat het woord
<Quote>Unix</Quote> een geregistreerd handelsmerk is, waarvan
AT&amp;T de eigenaar is, en het gebruik van het woord alleen is toegestaan
middels een licentie-overeenkomst.</Para>

<Para>Linux wordt net zo ondersteund en is betrouwbaar en uitvoerbaar als
ieder ander besturingssysteem (naar mijn mening, heel wat beter!).
Echter vanwege zijn oorsprong, de achterliggende filosofie en het gebrek
aan een multi-miljoen dollar marketing campagne dat het promoot, zijn er
heel veel mythen over. Mensen moeten nog heel wat leren over dit schitterende
OS!
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="linux-myths"><Title>De Mythen Doorbreken</Title>

<Para>Ik heb Linux verscheidene jaren gebruikt, en ik denk graag te weten
dat ik wat over het besturingssysteem weet en wat het wel en niet kan.
Aangezien ik een gretige USENET lezer ben, volg ik de laatste ontwikkelingen
en natuurlijk de diverse hooglopende ruzies die constant aan de dag treden
(die vervloekte cross-postende verdedigende mensen! ;-) ).
Ik heb mijn aandeel in mythen gezien (vaak
<Emphasis>FUD</Emphasis> -- <Quote>Fear, Uncertainty, Doubt</Quote> genoemd
welke als een algemene tactiek wordt gebruikt door commerci&euml;le
verkopers van technologie om hun markt af te schrikken van concurrerende
technologi&euml;n) waarin meer dan een paar mensen geloven. Dus laat
me proberen een paar van de meer algemene mythen te laten afnemen en
ze proberen te ondermijnen. :-)
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Normal">
<ListItem><Para>Linux is freeware, daarom is het een stuk speelgoed.
</Para></ListItem>
</ItemizedList>

<Para>Een aantal mensen schijnen de indruk te hebben dat
het wel zo moet zijn dat de resultaten ondergeschikt zijn aan 
commerci&euml;le aanbiedingen, omdat een stuk software door vrijwilligers 
zonder winstmotief in gedachten werd geschreven.
</Para>

<Para>In het verleden klopte dit misschien wel (ik bedoel dat er
heel veel freeware <Emphasis>was</Emphasis> wat absolute rommel was in
de eerdere wereld van DOS en Windows), maar tegenwoordig is dit zeker niet
niet 't geval.
</Para>

<Para>De kracht van het Internet heeft het mogelijk gemaakt een aantal
van de pientere gemoederen op de aardbol samen te brengen, waarbij het
mogelijk is aan projecten mee te werken die men interessant vindt.
De mensen die een hand hebben toegestoken in de ontwikkeling van Linux
of de duizenden GNU-utilities en applicatie-packages komen van diverse
achtergronden, en allen hebben verschillende persoonlijke redenen waarom
ze willen bijdragen.</Para>

<Para>Sommigen zijn taaie hackers die ontwikkelen vanwege een voorliefde
voor het coderen, anderen hebben iets nodig
(zoals bijvoorbeeld een netwerkmonitor voor een LAN op 't werk)
en besluiten die zelf te schrijven, anderen zijn academici en
computerwetenschappers die Linux vanwege zijn onderzoekskwaliteiten gebruiken.
</Para>

<Para>In tegenstelling tot een commercieel aanbod waarbij een package
wordt ontwikkeld en zonder de sourcecode aan
de eindgebruiker wordt verkocht, wordt de code in Linux nauwkeurig 
onderzocht, fouten opgespoord en door iedereen die daarin is
ge&iuml;nteresseerd en de mogelijkheden heeft, verbeterd.
Deze beoordeling door anderen is &eacute;&eacute;n van de redenen waardoor
Linux de grootste betrouwbaarheid en hoge performance kan bieden die het geeft.
</Para>

<Para>Vergeet niet: Het Internet zelf werd opgezet en draait bijna exclusief
op Open Source projecten. Van de e-mail die je op dagelijkse basis met
mensen in de hele wereld uitwisselt, bestaat een kans van 80% dat het door
&eacute;&eacute;n of beide kanten door Sendmail wordt afgehandeld, de 
webpagina's waar je doorheen bladert onderwijl je 
<Quote>op het Web Surft</Quote> worden in meer dan 50% van de websites in de
wereld aan je bezorgd door Apache. Betrouwbaar genoeg voor je? 
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Normal">
<ListItem><Para>Er is geen ondersteuning voor Linux.</Para></ListItem>
</ItemizedList>

<Para>Deze mythe aanhorend maakt me een beetje misselijk. En bieden de 
<Quote>andere</Quote> verkopers soms <Emphasis>wel</Emphasis> ondersteuning?
Ik heb met een zeer populair commercieel besturingssysteem persoonlijk ervaren
dat de zogenaamde <Quote>ondersteuning</Quote> van de verkoper compleet
nutteloos was.</Para>

<Para>Ten eerste, er <Emphasis>is</Emphasis> ondersteuning voor Linux.
Ja, commerci&euml;le ondersteuning. Er zijn een aantal bedrijven die zoveel
ondersteuning kunnen leveren als waarvoor je bereid bent te betalen;
het aanbieden van telefonische en e-mail ondersteuning, 
veel ervan bieden aan, aan je deur te komen om het probleem aan te pakken!
</Para>

<Para>In 99% van de situaties die je onder Linux tegenkomt, zal je echter
hetgeen je wilt, kunnen bereiken als je gewoon het antwoord op 
&eacute;&eacute;n of twee vragen krijgt. Dit kan eenvoudig worden
bewerkstelligd via USENET of &eacute;&eacute;n van de beschikbare
discussielijsten!
</Para>

<Para>Ik had nog nooit eerder een probleem waar ik geen oplossing voor kon
vinden, &oacute;f door het doorzoeken van <ULink URL="http://www.dejanews.com/">
http://www.dejanews.com/</ULink>, &oacute;f door het vragen in &eacute;&eacute;n
van de comp.os.linux.* nieuwsgroepen. Normaal gesproken kan ik op ieder
van de ondersteuningszaken waarover ik een vraag stel 
binnen drie tot twaalf uur na het posten een antwoord verwachten.
</Para>

<Para>Een ander interessant aspect van Linux is dat,
omdat de sourcecode voor de gehele kernel en de meeste andere componenten
van het besturingssysteem vrij-verkrijgbaar is, de voornaamste
ondersteuning zoals beveiliging, het geen toegang krijgen
of CPU bugs (zoals Intel's <Emphasis>F00F</Emphasis> fatale uitzondering)
worden opgespoord en <Emphasis>zeer</Emphasis> snel worden opgelost -- 
meestal in volgorde van belangrijkheid die sneller is dan oplossingen die
voor vergelijkbare of identieke problemen met de commerci&euml;le aanbiedingen
worden geboden. Dus waar is nu de commerci&euml;le ondersteuning!?</Para>

<Para>Er zijn ontelbare andere mythen die ik van hun voetstuk zou willen
stoten, maar dat valt buiten het kader van dit document. 
Echter voor meer ondermijningen van mythen, kijk eens op de
<Quote>Linux Myth Dispeller</Quote> bij <ULink
URL="http://www.KenAndTed.com/KensBookmark/linux/index.html">
http://www.KenAndTed.com/KensBookmark/linux/index.html</ULink> als ook op
<Quote>The Linux FUDfactor FAQ</Quote> bij <ULink
URL="http://www.geocities.com/SiliconValley/Hills/9267/fud2.html">
http://www.geocities.com/SiliconValley/Hills/9267/fud2.html</ULink></Para>

</Sect1>

<Sect1 id="user-perspective"><Title>Perspectief van een gebruiker</Title>

<Para>Ik gebruik Linux zowel thuis als op het werk.</Para>

<Para>Op mijn werk maken we gebruik van Linux om honderden gebruikers in
Internet services te voorzien. Deze services bestaan uit TACACS (dial-in
modem user) authenticatie, web page hosting en proxy caching, als ook
SMTP en POP services. Bovendien gebruiken we Linux om te voorzien in NFS
services, en ook voor het leveren en mounten van het SMB-protocol
(WfW/Win95/WinNT) file &amp; print en FAX services met gebruik van het Samba
package.</Para>

<Para>Thuis gebruik ik Linux voor mijn persoonlijke behoeften, zoals
Internet services, software-ontwikkeling en natuurlijk het spelen van spellen
(het zien draaien van Quake II op een Linux box is prachtig)! 
&Eacute;&eacute;n van de dingen die ik prettig vind aan Linux is, dat 
hoe hard ik er ook op ploeter, het crasht <Emphasis>niet</Emphasis>! Het is
ook een geweldige manier te leren mijn Unix-vaardigheden te ontwikkelen en
bij te houden.
</Para>

<Para>Ik gebruik de Red Hat 6.1 Linux-distributie (zie <ULink
URL="http://www.redhat.com/">http://www.redhat.com/</ULink> voor meer
informatie). Deze distributie bevat alle noodzakelijke software voor een
geheel ontwikkeld unix systeem -- shells, compilers &amp; interpreters,
netwerkondersteuning, het X Window Systeem, en alle Internet services 
(bv. Mail, news, web server, telnet, enz.). De distributie wordt standaard
geleverd met Linux kernel 2.2.12.</Para>

<Para>Op mijn werk, gebruiken we een op Linux gebaseerd systeem als 
primaire Internet-server met de volgende configuratie:
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">
<ListItem><Para>Kernel: 2.2.12</Para></ListItem>
<ListItem><Para>Machine: Pentium II @ 300 MHz (bogo-mips 299.83) met PCI-bus, 256 Mb RAM</Para></ListItem>
<ListItem><Para>een 3 Gb Fujitsu IDE harddisk (/dev/hda)</Para></ListItem>
<ListItem><Para>vier 4.4 Gb Quantum Fireball SCSI harddisks (/dev/sd0 tot en met
/dev/sd3),</Para></ListItem>
<ListItem><Para>24x speed SCSI CD-ROM (/dev/scd0),</Para></ListItem>
<ListItem><Para>Adaptec AHA-131 SCSI controller</Para></ListItem>
<ListItem><Para>HP SCSI DAT tape drive (/dev/st0 en /dev/nst0),</Para></ListItem>
<ListItem><Para>Intel EtherExpress Pro 10/100 Ethernetkaart </Para></ListItem>
</ItemizedList>

<Para>We hebben een tweede systeem -- een zelfs mooiere Intel box -- ook
Red Hat 5.2 draaiend, op een andere kantoorlokatie. Het voorziet in netwerk 
file &amp; print services via Samba, lokale web caching via Squid, en
secondary DNS services. Helaas staat deze box meer dan 50 km verderop vanaf
waar ik gewoonlijk werk, en staat het daardoor nogal aan z'n lot overgelaten 
-- ja deze baby is echt mijn trots en plezier!
Hier zijn wat specs:</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">
<ListItem><Para>Kernel: 2.2.12</Para></ListItem>
<ListItem><Para>Machine: Pentium II @ 350 MHz (bogo-mips 349.80) met PCI-bus, 256 Mb RAM</Para></ListItem>
<ListItem><Para>een 4.1 Gb Quantum Fireball SCSI harddisk (/dev/sda)</Para></ListItem>
<ListItem><Para>vier 9.4 Gb Quantum Fireball SCSI harddisks (/dev/rd/c0d0, /dev/rd/c0d1) als hardware RAID level 5 array,</Para></ListItem>
<ListItem><Para>36x speed SCSI CD-ROM (/dev/scd0),</Para></ListItem>
<ListItem><Para>BusLogic BT-948 SCSI controller</Para></ListItem>
<ListItem><Para>Mylex AcceleRAID 250 (DAC960) RAID controller,</Para></ListItem>
<ListItem><Para>HP SCSI DAT tape drive (/dev/st0 and /dev/nst0),</Para></ListItem>
<ListItem><Para>Intel EtherExpress Pro 10/100 Ethernetcard</Para></ListItem>
</ItemizedList>

<Para>Het hebben van een ongelofelijke 24+ Gb beschikbare opslagruimte, met
overvloedige opslag geconfigureerd als een hardware RAID5 array is een
nederig gevoel.
De Mylex RAID controller werkt geweldig en ik zou niet aarzelen anderen, die
op zoek zijn naar een hardware RAID oplossing, het aan te bevelen!
(Zie voor details de <XRef LinkEnd="hardware-raid">, als je
ge&iuml;nteresseerd bent je Linux-systeem met een RAID-array te configureren).
</Para>

<Para>We hebben nog vier andere Linux-systemen; een Alpha, een Sparc, en
twee Intel boxes; twee daarvan zijn in produktie, en dan is er nog mijn eigen
persoonlijke systeem thuis, maar ik zal je niet lastig vallen met de
details.
</Para>

<Para>In dit document is geprobeerd zo hardware-onafhankelijk mogelijk
te blijven, maar het kan van nut zijn als je weet waar ik vandaan kom
zover als het hardware betreft.
</Para>

</Sect1>

</Chapter>

<Chapter id="install-config"><Title>Installatie en Hardware Configuratie</Title>

<Para>In dit hoofdstuk zullen de procedures die nodig zijn om Red Hat 6.1
op een Intel systeem te installeren, nauwkeurig worden omschreven;
de procedures zijn vergelijkbaar of je nu kiest voor een installatie
gebaseerd op GUI- of tekst.
Aangezien veel van deze informatie reeds goed is gedocumenteerd in de
Red Hat User's Guide (geleverd als een papieren handboek in de 
<Quote>Offici&euml;le</Quote> set in doos, ingesloten in de
``<Literal><Filename>/doc</Filename></Literal>'' directory op de
CD, als ook online beschikbaar op 
<ULink URL="ftp://ftp.redhat.com/pub/redhat/redhat-6.1/i386/doc/rhinst/index.htm">
ftp://ftp.redhat.com/pub/redhat/redhat-6.1/i386/doc/rhinst/index.htm</ULink>).
Ik heb veel van de details vluchtig doorgenomen. Er zijn echter een paar zaken
waarvan ik vind dat ze in de Red Hat gids ontbreken, en daarom zal ik 
proberen die items in meer detail te behandelen.
</Para>

<Sect1 id="install-diskette"><Title>Aanmaken van een Installatie-diskette</Title>

<Para>Voor de eerste stap in het verkrijgen van de Linux Red Hat distributie
op een systeem, zal je een manier moeten vinden om het installatieprogramma
te starten. De gebruikelijke methode om dit te doen is door een 
installatiedisk aan te maken, als je echter vanaf CD-ROM installeert en
de BIOS van je systeem ondersteunt dit, zou je het installatieprogramma
kunnen starten door direct vanaf de CD te booten.
</Para>

<Para>Anders zal je de ``<Literal><Filename>boot.img</Filename></Literal>'' 
naar een diskette moeten kopi&euml;ren om
een installatiediskette aan te maken (wat gewoon een afbeelding is van
een ext2-geformatteerde Linux bootdiskette met een aanvullend 
installatieprogramma.). Het
``<Literal><Filename>boot.img</Filename></Literal>'' bestand kan worden
verkregen vanuit de
<Literal>/images</Literal> directory van de Red Hat CD-ROM disk, of
worden gedownload via FTP vanaf <ULink
URL="ftp://ftp.redhat.com/">ftp://ftp.redhat.com</ULink> in de <ULink
URL="ftp://ftp.redhat.com/pub/redhat/redhat-6.1/i386/images">
/pub/redhat/redhat-6.1/i386/images</ULink> directory (ervan uitgaande
dat je Linux op een Intel box installeert).
</Para>

<Para>Je kunt de boot-diskette vanaf een DOS of Windows systeem
aanmaken, of vanaf een bestaand Linux of Unix systeem.
Voor je doeldiskette kun je gebruik maken van een ongeformatteerde
of (voor DOS) voorgeformatteerde diskette -- het maakt geen verschil.
</Para>

<Para>Onder DOS: In de veronderstelling dat je CD-ROM als station D: 
toegankelijk is, kun je typen:
</Para>

<BlockQuote>

<Screen>
<UserInput>d:</UserInput>
<UserInput>cd \images</UserInput>
<UserInput>..\dosutils\rawrite</UserInput>
</Screen>

<Para>Voor het bronbestand geef je op
``<Literal><Filename>boot.img</Filename></Literal>''. Voor het
doelbestand, geef je op ``<Literal>a:</Literal>'' (in de veronderstelling dat de
diskette die je hebt aangemaakt in station A: is gedaan).
Het ``<Literal>rawrite</Literal>'' programma zal het
``<Literal><Filename>boot.img</Filename></Literal>'' bestand dan naar
de diskette kopi&euml;ren.
</Para>
</BlockQuote>

<Para>Onder Linux/Unix: In de veronderstelling dat het bestand
``<Literal><Filename>boot.img</Filename></Literal>'' is te vinden in
de huidige directory (het kan zijn dat je de CD-ROM onder /mnt/cdrom
moet mounten om het bestand in /mnt/cdrom/images te kunnen vinden), kun je
typen:
</Para>

<BlockQuote>

<Screen>
<UserInput>dd if=boot.img of=/dev/fd0</UserInput>
</Screen>

<Para>Het ``<Literal>dd</Literal>'' utility zal als zijn invoerbestand
(<Quote>if</Quote>), het ``<Literal><Filename>boot.img</Filename></Literal>''
bestand kopi&euml;ren naar het uitvoerbestand
(<Quote>of</Quote>) /dev/fd0 (in de veronderstelling dat je diskettestation
toegankelijk is via /dev/fd0).
</Para>

<Para>Tenzij je Linux of Unix-systeem schrijfpermissie toestaat naar het
diskette-device, kan het zijn dat je dit commando als superuser uit moet
voeren. (Als je het root-wachtwoord kent, typ je
``<Literal>su</Literal>'' om superuser te worden, voer het 
``<Literal>dd</Literal>'' commando uit, en typ vervolgens
``<Literal>exit</Literal>'' om naar de normale gebruikersstatus terug te
keren).</Para>
</BlockQuote>

<Para>Met &eacute;&eacute;n van de hiervoor genoemde mogelijkheden, zou je
nu een opstartbare Red Hat 6.1 installatiediskette moeten hebben, welke je
kunt gebruiken om je nieuwe Red Hat Linux-systeem mee te installeren!
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="booting-install"><Title>Booten van het Linux Installatie Programma</Title>

<Para>Om aan de instelling van je nieuwe Red Hat systeem te beginnen,
boot je &oacute;f vanaf de installatie-CD &oacute;f doe je de 
installatiediskette in station A: en herstart je het systeem &oacute;f zet
je het systeem aan. Na een paar tellen, zou het scherm van het Red Hat
installatieprogramma moeten verschijnen.
</Para>

<Para>In de meeste gevallen, kun je gewoon op <Literal>&lt;Enter&gt;</Literal>
drukken om het installatieproces te beginnen, maar als je een meer
ervaren gebruiker bent die precies weet hoe zijn hardware-devices zouden
moeten worden ingesteld, dan kun je 
``<Literal>expert</Literal>'' intikken voor de aanvullende informatie
en aanwijzingen waarin deze feature voorziet. (Als je niets doet, zal de
standaard installatieprocedure na ongeveer 10 tot 15 seconden na de 
eerste verschijning van het installatiescherm, opstarten).
</Para>

<Para>Er zal je vervolgens worden gevraagd naar de taal (meestal
<Quote><Literal>English</Literal></Quote>) en het type toetsenbord (zelfs
in Canada koos ik <Quote><Literal>US 101-key</Literal></Quote>), als ook
als waar je vanaf installeert (zoals vanaf je CD-ROM of via het netwerk). 
Red Hat is zeer flexibel in waar het vanaf ge&iuml;nstalleerd kan worden.
</Para>

<Para>Zeer waarschijnlijk zal je kiezen voor ``<Literal>Local CDROM</Literal>'' om vanaf je Red Hat CD-ROM te installeren (die in je CD-ROM apparaat gedaan
zou moeten zijn). Als je systeem echter niet met een CD-ROM apparaat is
uitgerust, zijn er een aantal andere installatiemethoden waaruit je
kunt kiezen.
</Para>

<Para>Als je een ander Linux-systeem hebt (of enig ander besturingssysteem
dat NFS file mounting ondersteunt), kun je gebruik maken van ``NFS'' om 
vanaf een NFS mount te installeren. Om dit te doen, zal je je CD-ROM onder
het andere systeem moeten zijn gemount (of anders de directory-structuur
van Red Hat ergens op het andere systeem moeten hebben -- het is mogelijk
alles via FTP te downloaden en het vervolgens vanaf de harddisk van je
andere systeem te installeren), zorg ervoor dat er een record voorkomt
in het bestand /etc/exports waardoor toegang tot de daarvoor bestemde
directory wordt toegestaan voor het nieuwe systeem. 
(zie de <XRef LinkEnd="nfs-services"> voor details over hoe je NFS instelt
en gebruikt), en vul vervolgens de juiste details in.
Hier is een voorbeeld:</Para>

<BlockQuote>
<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Normal">

<ListItem><Para>Doe de Red Hat CD er onder het andere systeem (bv. een
systeem genaamd ``spock'') in.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Om de CD te mounten, typ je:</Para>

<Screen>
<UserInput>mount /dev/cdrom /mnt/cdrom -t iso9660</UserInput>
</Screen>
</ListItem>

<ListItem><Para>Wijzig als superuser, het bestand
``<Literal><Filename>/etc/exports</Filename></Literal>'' en plaats er
een regel in als:
</Para>

<Screen>
<UserInput>/mnt/cdrom nieuwsys.mijndomein.naam(ro)</UserInput>
</Screen>

<Para>(Hiermee wordt aangegeven dat het nieuwe systeem op 
nieuwsys.mijndomein.naam read-only toegang heeft tot de directory
``<Literal><Filename>/mnt/cdrom/</Filename></Literal>'' en alle
daaronder liggende subdirectory's).
</Para>

<Para>Als er aan je nieuwe systeem nog geen domeinnaam is toegekend,
kun je in plaats daarvan het IP-adres gebruiken:
</Para>

<Screen>
<UserInput>/mnt/cdrom 10.23.14.8(ro)</UserInput>
</Screen>

<Para>(In de veronderstelling dat je nieuwe systeem als IP-adres 
10.23.14.8 heeft).</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Typ wederom als superuser:</Para>

<Screen>
<UserInput>killall -HUP rpc.nfsd ; killall -HUP rpc.mountd</UserInput>
</Screen>

<Para>Hiermee zullen je NFS en mountd daemons worden herstart, wat 
noodzakelijk is voor je nieuwe NFS export zal functioneren.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Nu kun je als installatiebron vanaf je nieuwe systeem kiezen
voor ``<Literal>NFS</Literal>''. Er zal je worden gevraagd informatie te
geven over je netwerkkaart, als ook je IP-instellingen.
Je zal waarschijnlijk gebruik gaan maken van static IP-instelllingen als je
systeem voorkomt op een lokaal LAN, of DHCP-instellingen als je systeem
bijvoorbeeld is aangesloten op een kabelmodem.
Vul de van toepassing zijnde instellingen voor je systeem in.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Er zal je dan worden gevraagd de naam van de NFS-server
en Red Hat directory in te vullen. Voor ons voorbeeldsysteem, zouden we
``<Literal>spock</Literal>'' invullen als de naam van de NFS-server, en
``<Literal><Filename>/mnt/cdrom/</Filename></Literal>'' voor de Red Hat
directory.</Para></ListItem>

</ItemizedList>
</BlockQuote>

<Para>Er zijn nog andere manieren om Red Hat te installeren, zoals met
behulp van een Samba-verbinding (netwerk in de stijl van Windows), vanaf een
bestaande partitie op je harddisk (zoals je DOS- of Windows 95 partitie),
of via FTP. Kijk in de Red Hat gebruikersgids voor meer details over het
installeren aan de hand van dergelijke methoden, of probeer je er gewoon
doorheen te worstelen (de procedures zijn echt niet zo moeilijk!) 
</Para>

<Para>Zodra je een installatiebron hebt uitgekozen, zal Red Hat je vragen
of je een <Quote><Literal>Install</Literal></Quote> of
<Quote><Literal>Upgrade</Literal></Quote> op je systeem uit wilt voeren.
Als je een nieuw systeem gaat installeren, zou je moeten kiezen voor
<Quote><Literal>Install</Literal></Quote>. (Even terzijde, ik ben iemand
die <Emphasis>nooit</Emphasis> een upgrade
uit zal voeren van een nieuwe distributie-release over bestaande systemen
-- Ik denk dat dat komt omdat ik met Microsoft producten zoveel problemen
tegen ben gekomen, dat ik een veelbetekenend wantrouwen heb opgebouwd
tegen het sowieso upgraden van systemen. Ik geef er de voorkeur aan de
installatie vanaf het begin opnieuw te doen en mijn persoonlijke/gebruikers
en lokale site-bestanden vanaf een backup terug te zetten).
</Para>

<Para>Het installatieprogramma zal vervolgens vragen of je een SCSI-adapter
hebt. Als je yes antwoordt, zal je worden gevraagd de hiervoor bestemde 
driver uit te kiezen. In een aantal gevallen, zal Red Hat je adapter automatisch
kunnen detecteren.
</Para>

<Para>Daarna zal je worden gevraagd je bestandssystemen op te zetten, (d.w.z.
&eacute;&eacute;n of meer drives voor Linux te partitioneren).
Er zijn twee tools beschikbaar voor het instellen van deze partities,
waaronder de met Red Hat meegeleverde <Quote><Literal>Disk Druid</Literal>
</Quote>, en het standaard Linux <Quote><Literal>/fdisk</Literal></Quote>
utility.</Para>

<Para>Beide tools zijn qua functie gelijk, en geven je de mogelijkheid
partitie-typen en groottes te specificeren.
Disk Druid blijkt wat <Quote>gebruikersvriendelijker</Quote> en
wat completer dan fdisk te zijn. In feite is het zo dat als je fdisk gebruikt om
je harddisks te partitioneren, je het Disk Druid scherm voor je krijgt om
<Emphasis>hoe dan ook</Emphasis> je mountpoints te specificeren. 
Dat als ex-Slackware gebruiker te hebben gezegd, gebruik ik persoonlijk
altijd fdisk -- macht der gewoonte, denk ik!  :-)</Para>

<Para>De volgende sectie zal in detail beschrijven hoe en waarom je je
partitie-informatie op zou moeten zetten.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="install-partitioning"><Title>Partitioneren van HardDisk(s)</Title>

<Para>Waarom zou je eigenlijk partitioneren? Alhoewel het mogelijk is een
perfect functionerend Linux-systeem op een systeem met een enkele partitie
draaiend te krijgen, en het in feite eenvoudiger is het op deze wijze te
configureren, zijn er een aantal voordelen bij het partitioneren van 
&eacute;&eacute;n of meer opslagdevices in meerdere partities.
</Para>

<Para>Ondanks dat het waar is dat Linux prima zal werken op een disk
met slechts &eacute;&eacute;n grote gedefinieerde partitie, zijn er
verscheidene voordelen om je disk op zijn minst in de vier belangrijkste
(root, usr, home, en swap) bestandssystemen te partitioneren.
Dit zijn:</Para>

<Para>Als eerste kan het zijn dat het minder lang duurt om de controle's
op de bestandssystemen uit te voeren (zowel bij het opstarten als bij
een handmatige fsck), omdat deze controle's parallel kunnen worden uitgevoerd.
(Tussen twee haakjes, voer fsck <Emphasis>NOOIT</Emphasis> uit op een
gemount bestandssysteem!!! Je zal er bijna zeker spijt van krijgen wat
ermee gebeurt. De uitzondering hierop is wanneer het bestandssysteem
read-only is gemount, in welk geval dit veilig is te doen).
Ook zijn controle's op bestandssystemen veel eenvoudiger te doen op een
systeem met meerdere partities. Als ik bijvoorbeeld wist dat er zich op
mijn /home partitie problemen voordeden, zou ik het gewoon kunnen unmounten,
er een bestandssysteemcontrole op uit kunnen voeren, en het dan opnieuw
kunnen mounten om het bestandssysteem te repareren (als tegenovergestelde
van het booten van mijn systeem in single-user mode met een rescue-diskette
en het dan te repareren).
</Para>

<Para>Ten tweede kun je met meerdere partities &eacute;&eacute;n of meer
partities als read-only mounten, als je dat wilt.
Als je bijvoorbeeld besluit dat alles in /usr door niemand, zelfs niet
door root, mag worden aangeroerd, dan kun je de /usr partitie als
read-only mounten.
</Para>

<Para>Als laatste, het belangrijkste voordeel waarin partitionering voorziet
is dat het bescherming biedt aan je bestandssystemen.
Als er iets gebeurt met een bestandssysteem
(&oacute;f door een fout van een gebruiker &oacute;f door falen van het
systeem), zou men op een gepartitioneerd systeem waarschijnlijk alleen
bestanden op een enkel bestandssysteem kwijt raken. Op een niet-gepartioneerd
systeem zou men ze waarschijnlijk op alle bestandssystemen kwijt raken.
</Para>

<Para>Dit kleine feit kan een groot voordeel zijn. Als je root-partitie
bijvoorbeeld zo beschadigd is dat je niet kunt booten, kun je fundamenteel
booten vanaf een rescue-diskset, je root-partitie mounten en kopi&euml;ren
wat je kunt (of herstellen vanaf een backup, zie 
<XRef LinkEnd="backup-and-restore"> voor details over hoe van bestanden
een backup kan worden gemaakt en ze kunnen worden teruggezet) naar een
andere partitie zoals home, en dan opnieuw booten met behulp van de
nood-bootdisk, door in te tikken
<Quote><Literal>mount root=/dev/hda3</Literal></Quote> (in de 
veronderstelling dat de partitie met je tijdelijke root bestandssysteem
zich op de derde partitie van hda bevindt) en je volledig functionele
Linux-box booten. Vervolgens kun je fsck op je niet gemounte beschadigde
root-partitie uitvoeren.
</Para>

<Para>Ik <Emphasis>heb</Emphasis> persoonlijk catastrofen ervaren bij
bestandssystemen, en ik was erg dankbaar dat de schade door het gebruik van
meerdere partities was beperkt.
</Para>

<Para>Ten slotte, aangezien het onder Linux mogelijk is andere besturingssystemen (zoals Windows 95/98/NT, BeOS, of wat je dan ook hebt) in te stellen,
en dan tweevoudig (of drievoudig, ...) je systeem te booten, kan het zijn
dat je aanvullende partities in wilt stellen om hier gebruik van te maken.
Je zou hier op z'n minst een apartie partitie voor ieder besturingssysteem
in moeten stellen. Linux heeft een behoorlijke bootloader (genaamd LILO voor
systemen gebaseerd op Intel, alhoewel iets vergelijkbaars ook beschikbaar
is als MILO voor de Alpha, en SILO voor de Sparc) waarmee het mogelijk is
tijdens het opstarten aan te geven welk besturingssysteem je wilt booten,
met een time-out standaardboot van je favoriete besturingssysteem 
(waarschijnlijk Linux, niet?)
</Para>

<Para>Je zou een disk (of meer disks) overeenkomstig je behoeften kunnen
partitioneren. In mijn ervaring op Intel, Alpha, en Sparc platformen, voor
een tamelijk belast systeem (rekening houdend met de toekomst), 
waarmee een tamelijke hoeveelheid taken kan worden verricht
(als een desktopsysteem thuis of als een Internet-server op 't werk)
heb ik bij benadering voor het vaststellen van een partitie-grootte
de volgende ruimte tamelijk effectief gevonden.
</Para>

<Screen>
Gegeven:

Een gegeven disk van X Mb/Gb          (bv. 2 Gb)
(Of, meer dan &eacute;&eacute;n disk met een gecombineerd totaal van X Mb/Gb)

Bereken:

(swap) ongeveer twee keer de hoeveelheid RAM (bv. 64 Mb systeem wordt 128 Mb swap)
/ (root)  ongeveer 10% van wat beschikbaar is             (bv. 200 Mb)
/home ongeveer 20% van wat beschikbaar is                 (bv. 400 Mb)
/usr alle resterende ruimte                               (bv. 1272 Mb)

/var (optioneel -- zie hieronder)
/boot (optioneel -- zie hieronder)
/archive (optioneel -- zie hieronder)
</Screen>

<Para>Natuurlijk zijn de hoeveelheden van hierboven slechts benaderingen.
Uiteraard wil je een beetje met deze percentages goochelen, afhankelijk van
waar je je Linux-systeem voor wilt gebruiken. Als je iets dergelijks gaat
doen als het toevoegen van zeer grote applicaties als WordPerfect of
Netscape, of misschien ondersteuning voor Japanse tekens toe gaat voegen, 
zou je er waarschijnlijk van profiteren als je wat meer /usr ruimte hebt.
</Para>

<Para>Ik schijn <Emphasis>altijd</Emphasis> veel ruimte beschikbaar te
hebben op /home, dus als je gebruikers niet veel doen (of als je strikte
quota-grootte hebt opgelegd) of je geen shell-accounts en persoonlijke
webpagina's biedt, enz., zou je de ruimte voor /home waarschijnlijk
kunnen verlagen en /usr verhogen.
</Para>

<Para>Hieronder staat een beschrijving van de diverse mountpoints en
bestandssysteem-informatie, wat je een beter beeld kan geven van hoe
je het best je partitie-grootte voor je eigen behoeften kunt defini&euml;ren:
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Normal">

<ListItem><Para><Emphasis>/ (root)</Emphasis> - gebruikt om zaken als
tijdelijke bestanden, de Linux kernel en boot-image, belangrijke
binaire bestanden (dat wat nodig is voordat Linux de /usr partitie
kan mounten), en belangrijker de logbestanden, spoolgebieden voor
afdruktaken en uitgaande e-mail, en inkomende e-mail voor gebruikers
op te slaan. Het wordt ook als tijdelijke ruimte gebruikt wanneer er
bepaalde bewerkingen moeten worden uitgevoerd, zoals het bouwen van
RPM-packages vanuit RPM bronbestanden. 
Als je daarom veel gebruikers met veel e-mail hebt, of denkt veel
tijdelijke ruimte nodig te hebben, wil je misschien meer ruimte tot je
beschikking hebben. Het type partitie zou de standaarwaarde 83 
(Linux native) moeten blijven. Bovendien zal je waarschijnlijk de 
bootable flag op deze partitie in willen schakelen om het mogelijk
te maken informatie hier op te slaan.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>/usr/</Emphasis> - zou de grootste partitie
moeten zijn, omdat de meeste binaire bestanden benodigd voor Linux,
als ook enige lokaal ge&iuml;nstalleerde software, webpages, Squid proxy
cache, Samba share services, wat lokaal ge&iuml;nstalleerde software
logbestanden, enz. hier zijn opgeslagen.
Het type partitie zou de standaardwaarde 83 (Linux native) moeten blijven.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>/home/</Emphasis> - als je voor je
gebruikers niet in shell-accounts voorziet, hoef je deze partitie
niet zo groot te maken. De uitzondering hierop is als je voorziet in
homepages voor gebruikers (zoals webpages voor school), in welk geval
je er profijt van kunt hebben als je deze partitie wat groter maakt.
Nogmaals, het type partitie zou de standaardwaarde 83 (Linux native)
moeten blijven.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>(swap)</Emphasis> - Linux voorziet in iets dat
<Quote>virtueel geheugen</Quote> wordt genoemd om een grotere hoeveelheid
geheugen beschikbaar te maken dan het fysieke RAM dat op je systeem is
ge&iuml;nstalleerd. Om dit te bewerkstelligen wordt de swappartitie
met main RAM door Linux gebruikt. Als stelregel zou je swappartitie
op z'n minst zo groot moeten zijn als tweemaal de hoeveelheid op je
systeem ge&iuml;nstalleerd fysiek RAM.
</Para>

<Para>Als je meer dan &eacute;&eacute;n fysieke harddisk in je systeem
hebt, kun je meerdere swappartities aanmaken.
Hierdoor kan de performance van het swappen worden verbeterd door
het voordeel van parallelle disktoegang. Op bijvoorbeeld een 256 Mb
systeem met vier drives, zou ik waarschijnlijk vier 128 Mb swappartities
aanmaken, voor een totaal van 256 Mb RAM, 512 Mb swap (voor een gecombineerd
totaal van 768 Mb beschikbaar als virtueel geheugen).
Het type partitie moet worden gewijzigd in 82 (Linux swap).</Para>

<Note><Para>Noot: Het is een algemene misvatting dat Linux een 128 Mb
swapgrootte limiet heeft. Voorheen klopte dit, maar in moderne 
Linux-distributies is de grootte afhankelijk van je architectuur
(Intel-systemen kunnen bijvoorbeeld swapgroottes tot wel 2 Gb hebben).
Typ ``<Literal>man mkswap</Literal>'' voor meer informatie.</Para></Note>
</ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>/var/</Emphasis> (optioneel) - Misschien dat
je wilt overwegen je / (root) partitie wat verder op te splitsen. De
/var directory wordt voor een heel groot deel tijdens de uitvoering
gebruikt voor opslag, waaronder mail spools (zowel inkomende als uitgaande),
afdruktaken, locks op processen, enz. 
Het kan wat gevaarlijk zijn deze directory onder / (root) te mounten,
omdat (bijvoorbeeld) een grote hoeveelheid inkomende e-mail de partitie
mogelijk op kan vullen.
Aangezien er vervelende dingen kunnen gebeuren (systeemcrash?) wanneer
de / (root) partitie volraakt, kunnen dergelijke problemen met een /var 
op een eigen partitie worden voorkomen. Ik had succes bij welke hoeveelheid
ruimte ik dan ook aan / (root) had toegekend, misschien het
verdubbelend, en dan vervolgens aparte partities voor / (root) en voor
/var aan te maken. Het type partitie zou de standaardwaarde 83 (Linux native)
moeten worden gelaten.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>/boot/</Emphasis> (optioneel) - In een aantal
omstandigheden (zoals een systeem setup in een software RAID-configuratie)
kan een aparte partitie nodig zijn waarvan het Linux-systeem boot.
Met deze partitie zou het mogelijk zijn te booten en de vereiste drivers te
laden en de andere bestandssystemen in te lezen. De grootte van deze partitie
kan zo klein zijn als een paar Mb; Ik raad bij benadering een partitie aan
van 10 Mb (wat voldoende ruimte zou zijn om de kernel, initi&euml;le RAMdisk
image, en misschien &eacute;&eacute;n of twee backupkernels op te slaan).
Het type partitie zou de standaardwaarde 83 (Linux native) moeten worden
gelaten.</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>/archive/</Emphasis> (optioneel) - Als je extra
ruimte overhebt, zou je misschien baat hebben bij een partitie voor een
directory bijvoorbeeld genaamd, /archive. Je kunt de /archive directory
dan gebruiken om backupmateriaal, grote of niet frequent benaderde 
bestanden, samba file-services, of wat dan ook wat je van nut vindt, op te
slaan. Het type partitie kan als de standaardwaarde 83 (Linux native)
blijven, of als je het zowel van onder Linux als vanuit een ander 
besturingssysteem wilt kunnen benaderen, zou je het kunnen wijzigen naar
een andere ID, zoals 6 (DOS 16-bit >=32M).
</Para></ListItem>

</ItemizedList>

<Para>Als er extra disk(s) worden toegevoegd, kunnen er verdere partities
op de nieuwe disk(s) worden toegevoegd, 
op diverse mountpoints zoveel als nodig worden gemount -- dit betekent dat
je met een Linux-systeem je nooit zorgen hoeft te maken dat je ruimte
te kort gaat komen. Als het bijvoorbeeld in de toekomst duidelijk is dat
sda6 vol zal raken, zouden we een andere drive toe kunnen voegen, een
aardig grote partitie in kunnen stellen met een mount-point op
/usr/local -- en dan alle informatie vanaf /usr/local naar de nieuwe disk
kunnen transporteren. Maar geen enkel systeem of applicatie-component 
zou <Quote>breken</Quote> omdat Linux /usr/local zou zien ongeacht waar
het te lokaliseren was.
</Para>

<Para>Om je een voorbeeld te geven van hoe men partities in zou kunnen
stellen, heb ik het volgende partitieschema op een Intel-systeem gebruikt
(dual boot, Windows 95 en Linux):</Para>

<Screen>
   Device Boot   Begin    Start      End   Blocks   Id  System
/dev/hda1  *         1        1      254  1024096+   6  DOS 16-bit >=32M
/dev/hda2          255      255      782  2128896    5  Extended
/dev/hda5          255      255      331   310432+  83  Linux native
/dev/hda6          332      332      636  1229728+  83  Linux native
/dev/hda7          637      637      749   455584+  83  Linux native
/dev/hda8          750      750      782   133024+  82  Linux swap
</Screen>

<Para>De eerste partitie, <Emphasis>/dev/hda1</Emphasis>, is een
DOS-geformatteerd bestandssysteem dat wordt gebruikt voor het opslaan van
het alternatieve besturingssysteem (Windows 95). Dit geeft me voor dat
besturingssysteem 1 Gb aan ruimte.
</Para>

<Para>De tweede partitie, <Emphasis>/dev/hda2</Emphasis>, is een fysieke
partitie (genaamd <Quote>extended</Quote>) welke de resterende ruimte
op de drive omvat.
Het wordt alleen gebruikt om de overblijvende logische partities in te
kapselen (er kunnen slechts 4 fysieke partities op een disk voorkomen;
in mijn situatie waren meer dan 4 partities nodig, daarom moest ik een 
logisch partitieschema voor de andere partities gebruiken).
</Para>

<Para>De derde tot aan de vijfde partitie, <Emphasis>/dev/hda5</Emphasis>,
<Emphasis>/dev/hda6</Emphasis>, en <Emphasis>/dev/hda7</Emphasis>, zijn
allen e2fs-geformatteerde bestandssystemen die respectievelijk voor de 
/ (root), /usr, en de /home partities worden gebruikt.</Para>

<Para>Ten slotte wordt de zesde partitie <Emphasis>/dev/hda8</Emphasis>, voor
de swappartitie gebruikt.
</Para>

<Para>Voor nog een ander voorbeeld, deze keer een Alpha box met twee
harddisks (enkele boot, alleen Linux), heb ik voor het volgende 
partitieschema gekozen:
</Para>

<Screen>
   Device Boot   Begin    Start      End   Blocks   Id  System
/dev/sda1            1        1        1     2046    4  DOS 16-bit <32M
/dev/sda2            2        2      168   346859   83  Linux native
/dev/sda3          169      169      231   130851   82  Linux swap
/dev/sda4          232      232     1009  1615906    5  Extended
/dev/sda5          232      232      398   346828   83  Linux native
/dev/sda6          399      399     1009  1269016   83  Linux native
/dev/sdb1            1        1      509  2114355   83  Linux native
/dev/sdb2          510      510     1019  2118540   83  Linux native
</Screen>

<Para>De eerste partitie, <Emphasis>/dev/sda1</Emphasis>, is een
DOS-geformatteerd bestandssysteem, welke wordt gebruikt om de MILO boot loader
op te slaan. Het Alpha-platform heeft een iets andere methode om te booten
dan een Intel-systeem, daarom slaat Linux zijn boot-informatie op in een
FAT-partitie. Deze partitie hoeft slechts zo groot te zijn als de kleinst
mogelijk toegestane partitie -- in deze situatie, 2Mb.
</Para>

<Para>De tweede partitie, <Emphasis>/dev/sda2</Emphasis>, is een
e2fs-geformatteerd bestandssysteem dat voor de / (root) partitie wordt
gebruikt.</Para>

<Para>De derde partitie, <Emphasis>/dev/sda3</Emphasis>, wordt gebruikt voor
de swappartitie.
</Para>

<Para>De vierde partitie, <Emphasis>/dev/sda4</Emphasis>, is een
<Quote>extended</Quote> partitie (zie vorige voorbeeld voor details).
</Para>

<Para>De vijfde en zesde partitie, <Emphasis>/dev/sda5</Emphasis>, en
<Emphasis>/dev/sda6</Emphasis>, zijn e2fs-geformatteerde bestandssystemen
respectievelijk voor de /home en /usr partities.
</Para>

<Para>De zevende partitie, <Emphasis>/dev/sdb1</Emphasis>, is een
e2fs-geformatteerd bestandssysteem dat wordt gebruikt voor de /archive 
partitie.</Para>

<Para>De achtste en laatste partitie, <Emphasis>/dev/sdb2</Emphasis>, is
een e2fs-geformatteerd bestandssysteem dat wordt gebruikt voor de /archive2 
partitie.</Para>

<Para>Nadat je klaar bent met het instellen van de partitie-informatie,
zal je de nieuwe partitie naar disk weg moeten schrijven.
Hierna laadt het installatieprogramma de partitietabel opnieuw in het
geheugen, en kun je dus verdergaan met de volgende stap van het 
installatieproces.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="install-swap"><Title>Instellen van Swap Space</Title>

<Para>Zodra je de informatie voor je partitie(s) hebt ingesteld, en
<Quote>mount-points</Quote> hebt toegekend (dwz. /usr is het mountpoint
voor het /usr bestandssysteem), zal het installatieprogramma je vragen
welke partitie(s) het moet gaan gebruiken als swap space. Aangezien je
swappartities reeds als zodanig zouden moeten zijn ge&iuml;dentificeerd
(partitie ID # 82), kun je op <Literal>&lt;Enter&gt;</Literal> drukken om
het formatteren van die partitie(s) voor swap gebruik te starten.
Ik raad je aan de <Quote><Literal>Check for bad
blocks during format</Literal></Quote> te activeren om er zeker van te
zijn dat de partitie vrij is van potenti&euml;le problemen betreft beschadingen.
Het vertraagt het formatteringsproces wezenlijk, maar ik geloof dat
dat 't waard is.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="install-format"><Title>Te formatteren Partities Uitkiezen</Title>

<Para>Nu zal het installatieprogramma je een lijst tonen met de
partities die je aan Linux hebt toegekend, en je vragen welke daarvan je
als nieuwe bestandssystemen wilt formatteren. Waarschijnlijk zal je ze
allemaal willen formatteren, behalve als je je systeem aan het upgraden
bent of misschien wat informatie hebt (bv. onder /home) die je niet kwijt
wilt.
</Para>

<Para>Weer raad ik je aan de optie <Quote><Literal>Check for bad
blocks during format</Literal></Quote> te activeren.</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="install-packages"><Title>Uitkiezen van de Gewenste te Installeren Packages</Title>

<Para>Vervolgens zal je een lijst met systeemcomponenten worden gepresenteerd,
en worden gevraagd om aan te geven welke daarvan zouden moeten worden 
ge&iuml;nstalleerd. Als je een ervaren Linux-gebruiker bent, kun je 
overeenkomstig van wat je wilt met zorg uitkiezen. 
Als Linux nieuw voor je is, zal je wellicht de onderste optie 
<Quote>Everything</Quote> willen selecteren.</Para>

<Para>Wat ik meestal doe is de componenten te selecteren waarvan ik
weet dat ik ze nodig heb, en vervolgens de optie
<Quote><Literal>Select individual packages</Literal></Quote> activeer, wat
me de mogelijkheid biedt verfijndere controle uit te oefenen op de installatie.
</Para>

<Para>Zodra je de gewenste componenten hebt uitgekozen, selecteer je
<Quote><Literal>Ok</Literal></Quote> om de installatie te beginnen. Als je
<Quote><Literal>Select individual packages</Literal></Quote> hebt geselecteerd,
zal je worden gevraagd aan te geven welke individuele packages zouden moeten
worden ge&iuml;nstalleerd. Dit is tamelijk ongecompliceerd, en als je er niet
zeker van bent, waar een gegeven package voor is, kun je de
<Literal>&lt;<KeyCap>F1</KeyCap>&gt;</Literal>-toets indrukken voor een
beknopte beschrijving van wat het doet.
</Para>

<Para>Maak je er geen zorgen om als je een vergissing maakt bij het
kiezen (of niet kiezen) van &eacute;&eacute;n of twee packages.
Per slot van rekening staan alle packages op je CD-ROM (of op andere
source media), dus je kunt de handige Red Hat RPM-tool gebruiken om
aanpassingen te maken nadat je systeem beschikbaar en werkend is
(zie de <XRef LinkEnd="using-rpm"> voor details).</Para>

<Para>Nadat je de gewenste te installeren packages hebt uitgekozen,
zal het installatieprogramma de partities die je hebt gedefinieerd nu
gaan formatteren. Dit kan verscheidene minuten duren, vooral voor grote
partities of als je de controle op slechte blokken hebt geactiveerd, dus
denk alsjeblieft niet dat je systeem tijdens deze procedure is vastgelopen!
</Para>

<Para>Nadat het formatteren gereed is, zal Red Hat Linux de installatie van
de geselecteerde packages opstarten. Dit zou, afhankelijk van de snelheid van
je systeem, tussen vijf en vijftien minuten kunnen duren. 
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="install-configuration"><Title>Hardware Configuratie</Title>

<Para>Na het installeren van de packages, zal Red Hat de apparaten op je
systeem gaan configureren. In de meeste gevallen, behalve met zeer nieuwe
hardware die mogelijk nog niet volledig door Linux wordt ondersteund, is
het installatieprogramma erg goed in de automatische configuratie.
</Para>

<Para>De aanwijzingen die je te zien krijgt zijn zeer ongecompliceerd:</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">
<ListItem><Para>Detectie van je muis (waaronder de keuze tussen 2- en
3-knops modellen.
Als je een 2-knops muis hebt, zal je wellicht de 3-knops emulatie
willen activeren).
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Detectie van je videokaart</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Uitkiezen van je monitor</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het draaien van de ``<Literal>XConfigurator</Literal>'' om
het X Window Systeem te configureren (wellicht wil je kiezen voor de optie
<Quote>Probe</Quote> voor het automatisch detecteren van je kaart.
Als je hier een fout krijgt, maak je er dan niet druk om, aangezien
je later kunt zorgen voor de X-configuratie,
nadat je systeem beschikbaar en werkend is; zie <XRef
LinkEnd="xwindows-configuration"> voor details).</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Selectie van videomodes (je kunt voor de standaardwaarden
kiezen, of je kunt de videomodes die je onder het X-Window systeem wilt
gebruiken fijnafstemmen).
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>LAN configuratie</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Klok en tijdzone configuratie</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Startup services (de standaardselectie is waarschijnlijk
het beste, maar nogmaals, je kunt de
<Literal>&lt;<KeyCap>F1</KeyCap>&gt;</Literal> indrukken om een beschrijving
te krijgen van wat een gegeven service doet)
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Printer configuratie</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Toekenning van het root-wachtwoord (kies iets dat veilig
is!)</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Aanmaken van een bootdisk [ wees niet lui! Maak er &eacute;&eacute;n!  
:-) ]</Para></ListItem>
</ItemizedList>

</Sect1>

<Sect1 id="install-lilo"><Title>Booten met LILO</Title>

<Para>Vervolgens moet het installatieprogramma een bootloader naar je
harddisk wegschrijven.
De bootloader (<Emphasis>LILO</Emphasis> op Intel systemen)
is verantwoordelijk voor het booten van Linux samen met enige andere
besturingssystemen als je je systeem voor multi-boot hebt ingesteld.
(zie de <XRef LinkEnd="install-lilo-multi"> voor details).</Para>

<Para>In het dialoogvenster <Quote><Literal>Lilo Installation</Literal>
</Quote> wordt je gevraagd te kiezen waar het bootloader image naar zou moeten
worden weggeschreven. Je zal het waarschijnlijk in het master bootrecord van
je eerste disk willen installeren (meestal /dev/hda voor IDE, /dev/sda voor
SCSI). 
</Para>

<Para>Zodra je de lokatie hebt geselecteerd waarnaar de bootloader kan worden
weggeschreven, verschijnt er een tweede dialoogvenster, waarbij je de
mogelijkheid wordt geboden extra boot-time configuratieparameters in te voeren.
Meestal hoef je hier niets in te voeren, maar als je meer dan 64 Mb RAM
hebt, zal je hier een speciale parameter op moeten geven om Linux gebruik
te kunnen laten maken van het extra RAM (anders zal het slechts gebruik maken
van de eerste 64 Mb). Als er zich bijvoorbeeld 128 Mb Ram in je computer
bevindt, zou je in kunnen voeren:
</Para>

<Screen>
append="mem=128M"
</Screen>

<Para>Als je SCSI-drives op je systeem hebt, of je wenst LILO op een
partitie met meer dan 1023 cylinders te installeren, kan het nodig zijn
de optie <Quote><Literal>Use linear mode</Literal></Quote> te activeren.
Als het niet is geactiveerd, kan het activeren van deze optie geen kwaad,
dus waarschijnlijk is het een goed idee om het wel te doen.
</Para>

<Sect2 id="install-lilo-multi"><Title>Multi-boot met Andere Besturingssystemen</Title>

<Para>Tenslotte, zal je een derde dialoogvenster worden gepresenteerd, 
waarin de beschikbare partities zullen worden weergegeven als je je
systeem zo hebt ingesteld dat er tijdens de systeemstart uit Linux en
andere besturingssystemen kan worden gekozen. Hier kun je namen 
toekennen aan je andere besturingssystemen (die je tijdens het booten
achter de <Quote>LILO</Quote>-prompt in zal voeren om het gewenste
besturingssysteem te booten. Het installatieprogramma kent aan iedere
opstartbare partitie reeds standaardnamen toe, dus het is niet nodig ze
te wijzigen, tenzij de standaardwaarden je niet bevallen.
</Para>

<Para>Het standaard besturingssysteem dat tijdens de systeemstart zal worden
geboot, is natuurlijk Linux. Als je dat echter wilt, kun je de standaardwaarde
op &eacute;&eacute;n van de andere gedefinieerde besturingssystemen instellen.
</Para>

<Para>Na het installeren van de bootloader op je harddisk, presenteert het
installatieprogramma je hopelijk een dialoogvenster met
<Quote>Congratulations</Quote>, waarmee wordt aangegeven dat Linux succesvol
is ge&iuml;nstalleerd. Verwijder de installatiediskette (als er 
&eacute;&eacute;n is), en druk op 
<Literal>&lt;<KeyCap>Enter</KeyCap>&gt;</Literal> om je systeem opnieuw
te booten...in Linux!
</Para>

<Para>Linux zal booten, en als alles goed gaat, krijg je een
<Quote>login</Quote>-prompt te zien. Van hieruit, zou je als
<Quote>root</Quote> in moeten kunnen loggen met het wachtwoord dat je
tijdens het installatieproces hebt toegekend.
</Para>

</Sect2>

</Sect1>

<Sect1 id="update-redhat"><Title>Downloaden en Installeren van Red Hat Updates</Title>

<Para>Red Hat heeft tot dusverre een aantal aardig indrukwekkende versies
van hun distributie geproduceerd, maar naar het schijnt heeft het een
geschiedenis ze uit te geven wanneer ze nog niet geheel <Quote>gereed voor
de hoogste volmaaktheid</Quote> is. 
Om daarom volledig profijt te hebben van je Linux-systeem is het noodzakelijk
bijgewerkte packages te downloaden en toe te passen. 
Deze packages, ook wel <Quote>rpm files</Quote> genoemd worden toegepast
met behulp van het RPM-utility, zie de <XRef LinkEnd="using-rpm">
voor details over dit utility).</Para>

<Para>Dit zal &eacute;&eacute;n van de meer tijdrovende onderdelen zijn
in het gereed krijgen van je Linux-systeem (tenzij je een stervormige snelle
Internet-verbinding hebt). Neem echter de tijd om dit te doen!
Het zal je vermoedelijk <Emphasis>heel veel</Emphasis> hartzeer besparen!</Para>

<Para>Download eerst alle bestanden vanaf:</Para>

<BlockQuote>
<Para><ULink URL="ftp://ftp.redhat.com/redhat/updates/6.1/i386/">
ftp://ftp.redhat.com/redhat/updates/6.1/i386/</ULink></Para>
</BlockQuote>

<Para>(Hierbij wordt verondersteld dat je gebruik maakt van Linux op een
Intel box).</Para>

<Para>Het is waarschijnlijk het beste als je alles in een enkele
directory download omdat je dan eenvoudig
``<Literal>rpm -Uvh *</Literal>'' kunt typen, waarmee een upgrade op alle
packages zal worden toegepast.
Als je kernel rpm-bestanden hebt gedownload doe je er waarschijnlijk beter
aan ze voorlopig naar een andere directory te verplaatsen. 
Het upgraden of aanpassen van je kernel is wat gecompliceerder
en moet met heel veel zorg worden gedaan (zie de
<XRef LinkEnd="linux-kernel-upgrades"> voor details).
Overweeg daarom alle kernel-*.rpm bestanden vanuit je tijdelijke upgrade-directory te verplaatsen naar elders voordat je de upgrades toe gaat passen.
</Para>

<Para>Om de upgrades toe te passen, kun je eenvoudigweg
``<Literal>rpm</Literal>'' tegelijkertijd op alle packages uitvoeren (dwz.
<Quote><Literal>rpm -Uvh *</Literal></Quote>), of als je daar de voorkeur
aangeeft, ze &eacute;&eacute;n voor &eacute;&eacute;n upgraden
(dwz. <Quote><Literal>rpm -Uvh te_upgraden_bestand.rpm</Literal></Quote>).
De laatste methode is voor degenen die er zeker van willen zijn dat iedere
update correct en zonder fouten wordt toegepast. :-)
</Para>

<Para>Misschien dat je er nieuwsgierig naar bent of een gegeven package
is ge&iuml;nstalleerd, voordat je het probeert te upgraden.
Of misschien dat je uit wilt zoeken welke versie van een gegeven package
is ge&iuml;nstalleerd. Dit kan allemaal worden gedaan met het
RPM utility; zie de <XRef LinkEnd="using-rpm"> voor details.</Para>

</Sect1>

</Chapter>

<Chapter id="xwindows-configuration"><Title>Configureren van het X Window Systeem</Title>

<Para>Het X Window Systeem, ala <Quote>X</Quote> (bij velen in het algemeen en
onjuist bekend als <Quote>X-Windows</Quote>) is een GUI welke bovenop Linux
is gezeteld. In tegenstelling tot Microsoft Windows, kan het X Window Systeem
er op zeer verschillende manieren uitzien en functioneren. Het kan zeer
primitief maar ook zeer geavanceerd werken, er mooi of lelijk uitzien, zich
zeer mooi en snel &oacute;f log en traag voordoen (waarvan ieder subjectieve
kwaliteiten zijn die zoveel argumenten tussen gebruikers veroorzaken als de
woordenstrijd tussen <Quote>Linux vs. Microsoft NT</Quote> lijkt te
veroorzaken).</Para>

<Para>X op juiste wijze aan het werk krijgen kan zowel eenvoudig zijn als
zo gecompliceerd, dat je je haren wel uit je hoofd kunt trekken!
Het is een algemene klacht van gebruikers voor wie Linux nieuw is,
en ik heb zelf ontelbare keren met de configuratie-instellingen gevochten,
dus ik voel volledig met deze mensen mee. 
Gelukkig wordt een dergelijke configuratie in de nieuwere Linux-distributies
eenvoudiger en meer geautomatiseerd.
In feite is het zo dat als je Red Hat 6.1 gebruikt, je je hierover
waarschijnlijk geen zorgen hoeft te maken.
</Para>

<Para>Alhoewel X in een meerderheid van de gevallen automatisch kan worden
geconfigureerd, zijn er uitzonderingen;
Ik raad je aan uit te zoeken of erachter te komen welk type videokaart
je hebt en de hoeveelheid video RAM dat op je systeem is ge&iuml;nstalleerd,
als ook het type monitor en daarvan de horizontale en verticale synch rates
(deze informatie is meestal beschikbaar op de laatste bladzijden van de
gebruikershandleiding van de monitor of ze zijn op het WWW te vinden).
</Para>

<Sect1 id="xwindows-xconfigurator"><Title>Het X Window Systeem werkend krijgen met de X-Configurator</Title>

<Para>Er zijn twee belangrijkste methoden om X onder de Linux-distributie 
Red Hat werkend te krijgen. De eerste en eenvoudigste methode is door
gebruik te maken van Red Hat's eigen
``<Literal>Xconfigurator</Literal>'' utility. Het utility probeert je
hardware te detecteren en installeert de van toepassing zijnde X-software
met de juiste configuratie-instellingen.
</Para>

<Para>Als het je na het uitproberen van diverse instellingen met 
Xconfigurator nog steeds niet lukt, zou het kunnen dat je meer succes hebt
met het utility ``<Literal>xf86config</Literal>''. Alhoewel het zeker niet
zo gebruikersvriendelijk of aantrekkelijk is als Xconfigurator, geeft het je
wat preciezere controle bij het configuratieproces.
</Para>

<Para>Als je uiteindelijk <Emphasis>nog steeds</Emphasis> geen geluk hebt,
moet je je mogelijk wenden tot het met de hand wijzigen van het bestand
``<Literal><Filename>/etc/X11/XF86Config</Filename></Literal>''
en diverse instellingen fijnafstemmen. Als dit het geval is, kan het zijn
dat je hulp nodig hebt van de Linux-gemeenschap
(zie de <XRef LinkEnd="where-to-turn"> voor details).
Echter ontspan -- in een meerderheid van de gevallen verricht de
Xconfigurator een uitstekende taak!
</Para>

<Para>Nadat je X juist werkend hebt gekregen, kan het zijn dat je wat
teleurgesteld bent over het gebrek aan rijke kleuren.
Dit komt omdat X gebruik maakt van een standaardkleurdiepte van 8-bit per pixel
(``<Emphasis>bpp</Emphasis>''). Je kunt echter hogere kleurdiepten gebruiken,
in de veronderstelling dat je videohardware dit ondersteunt.
</Para>

<Para>De diverse kleurdiepten worden opgesomd in het bestand
``<Literal><Filename>/etc/X11/XF86Config</Filename></Literal>'', en dit ziet
er ongeveer zo uit:
</Para>

<ProgramListing>
    Subsection "Display"
        Depth       24
        Modes       "800x600" "1024x768"
        ViewPort    0 0
        Virtual     1024 768
    EndSubsection
</ProgramListing>

<Para>De sectie hierboven toont de mogelijke resoluties die beschikbaar
zijn wanneer gebruik wordt gemaakt van de 24-bit kleurdiepte
(800x600 en 1024x768, zoals opgesomd in de <Quote>Modes</Quote> regel); 
er kan <Quote>tijdens het werken</Quote> tussen deze resoluties worden
geschakeld met de
<Literal>&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;&lt;<KeyCap>+</KeyCap>&gt;</Literal>
en <Literal>&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;&lt;<KeyCap>-</KeyCap>&gt;</Literal>
toetsen.</Para>

<Tip><Para>Tip: Standaard maakt X bij het opstarten gebruik van de laagste
resolutie. Als je dit gedrag net zo min prettig vindt als ik, wijzig je
gewoon het bestand ``<Literal><Filename>/etc/X11/XF86Config</Filename></Literal>'' en verwissel je de resoluties (dwz. <Quote>1024x768</Quote> <Quote>800x600</Quote>).</Para></Tip>

<Para>Wanneer je met de instelling klaar bent, kun je iedere kleurdiepte
handmatig testen door te typen ``<Literal>startx -- -bpp 24</Literal>''
(voor de 24-bits diepte) en om er zeker van te zijn dat X goed werkt als je
gebruik maakt van de gewenste kleurdiepte).
</Para>

<Para>Als het je is gelukt een hogere kleurdiepte met succes te gebruiken
en het als standaardwaarde in wilt stellen, zal je als volgt een bestand
genaamd ``<Literal><Filename>/etc/X11/xinit/xserverrc</Filename></Literal>'' 
aan moeten maken:</Para>

<ProgramListing>
exec X :0 -bpp 24
</ProgramListing>

<Para>De wijziging hierboven zal X toestaan 24 bits per pixel te gebruiken
(als je hier problemen mee ervaart, probeer in plaats daarvan dan
16 of 32).</Para>

<Para>In de veronderstelling dat je X juist hebt geconfigureerd, is het
starten ervan eenvoudig een kwestie van als gebruiker 
``<Literal>startx</Literal>'' in te tikken. De X GUI zal worden opgestart
en nadat je je sessie hebt be&euml;indigd en X hebt verlaten, zal je naar
de reguliere Linux-console terugkeren.
</Para>

<Para>X kan naar keuze tijdens de systeemstart worden opgestart, en
<Emphasis>altijd</Emphasis> draaien (zie de <XRef LinkEnd="xwindows-xdm"> voor
details over hoe je dit kunt bewerkstelligen). Dit kan handig zijn voor die
gebruikers die het niet prettig vinden tegen een <Quote>saai</Quote> zwart
&amp; wit console aan te kijken, of voor degenen die zoveel mogelijk wensen
te voorkomen met commandoregel-shells van doen te hebben.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="xwindows-xdm"><Title>De X Desktop Manager Gebruiken</Title>

<Para>Als je dat wenst, kun je de X Desktop Manager 
(``<Literal>xdm</Literal>'') gebruiken om het X Window Systeem automatisch
bij de systeemstart op te starten. Dit geeft je de mogelijkheid je Linux
systeem altijd onder X te draaien
(alhoewel je van de GUI naar de reguliere consoles over kunt schakelen met
<Literal>&lt;<KeyCap>Ctrl</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>F1</KeyCap>&gt;</Literal>, en dan zonodig weer naar de GUI terug kunt gaan met
<Literal>&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>F7</KeyCap>&gt;</Literal>).
Dit is een prettige manier om in een aantrekkelijke en vriendelijke
omgeving voor jou en je gebruikers te voorzien, en voorkomt het iedere keer
weer intikken van ``<Literal>startx</Literal>''.</Para>

<Para>Wijzig gewoon het bestand
``<Literal><Filename>/etc/inittab</Filename></Literal>'' om xdm te
gebruiken en verander hierin de regel met
<Quote><Literal>id:3:initdefault:</Literal></Quote>
door het volgende:</Para>

<ProgramListing>
id:5:initdefault:
</ProgramListing>

<Para>Deze wijziging zorgt ervoor dat Linux bij de systeemstart in level 5
opstart; dit run level zal standaard xdm opstarten. 
Misschien dat je ook het bestand
``<Literal><Filename>/etc/inittab</Filename></Literal>'' wilt controleren,
waarschijnlijk ergens onderaan, om er zeker van te zijn dat de volgende
regel aanwezig is:
</Para>

<ProgramListing>
x:5:respawn:/usr/bin/X11/xdm -nodaemon
</ProgramListing>

<Para>Als je xdm hebt geactiveerd en een hogere ``bpp'' waarde wilt gebruiken
dan de standaardwaarde 8 (en je videokaart en monitor ondersteunen dit), dan zal
je het bestand ``<Literal><Filename>/etc/X11/xdm/Xservers</Filename></Literal>''
als volgt aan moeten passen:</Para>

<ProgramListing>
:0 local /usr/X11R6/bin/X -bpp 24
</ProgramListing>

<Para>Deze wijziging zal xdm in 24 bits per pixel opstarten.
</Para>

<Para>Wellicht wil je ook het bestand
``<Literal><Filename>/etc/X11/xdm/Xsetup_0</Filename></Literal>'' wijzigen
en met een ``<Literal>#</Literal>'' teken, een commentaarregel maken van de
regel die begint met ``<Literal>xbanner</Literal>'':</Para>

<ProgramListing>
#/usr/X11R6/bin/xbanner
</ProgramListing>

<Para>Hiermee wordt voorkomen dat het standaard xdm banner scherm
voor een gedeelte van een seconde tussen KDE-sessies wordt getoond.
Esthetisch, ik weet 't, maar...
</Para>

<Tip><Para>Tip: Soms kun je het nodig vinden naar de console terug te
keren (bijvoorbeeld omdat bepaalde spellen onder de console draaien en
niet onder X). Er zijn twee manieren om dit te doen. Druk op
<Literal>&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;&lt;<KeyCap>F1</KeyCap>&gt;</Literal>,
om tijdelijk van X naar de console over te schakelen en om weer naar X
terug te gaan, druk je op 
<Literal>&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;&lt;<KeyCap>F7</KeyCap>&gt;</Literal>.  
Of, als je X helemaal wilt be&euml;indigen (om je beschikbare geheugen
vrij te geven) kun je als <Quote>root</Quote> typen 
``<Literal>/sbin/telinit 3</Literal>'' om naar een ander run-level van het
systeem over te schakelen; dit vertelt XDM dat het moet stoppen.
Om terug te schakelen, typ je ``<Literal>/sbin/telinit 5</Literal>''.
</Para></Tip>

</Sect1>

<Sect1 id="xwindows-fonts"><Title>Verbeteren van de Font-weergave Onder X
</Title>

<Para>Eerlijk gezegd heeft X nooit bekend gestaan om zijn speciale 
aantrekkelijke fonts. In feite doen veel mensen er afstand van met het
denkbeeld dat lelijke, beroerde fonts een ongelukkig feit van het werken
onder X is.
</Para>

<Para>Gelukkig <Emphasis>is</Emphasis> het mogelijk het voorkomen van en
het verhogen van het aantal te gebruiken fonts onder X, drastisch te
verbeteren. Als je in het bezit bent van een kopie van Windows, kun je
de TrueType fonts zelfs vanaf dat platform kopi&euml;ren en ze ook onder
X gebruiken! Dergelijke ondersteuning van fonts wordt bewerkstelligd door het
gebruik van een fontserver zoals ``xfstt'' of ``xfs''.
</Para>

<Para>Red Hat 6.1 bevat nu ingebouwde ondersteuning voor ``xfs'' en voorziet
als resultaat in een aantrekkelijke ondersteuning voor fonts.
Als je daarom deze versie van Linux gebruikt, kan het zijn dat je tevreden
bent met de wijze zoals het is. Er zijn echter nog dingen die je kunt doen om
het nog wat verder te verbeteren, en bovendien gebruik te maken van je eigen
TrueType fonts als je die beschikbaar hebt.
</Para>

<Para>Maak voor het activeren van de ondersteuning voor TrueType fonts een
directory aan (bv. 
``<Literal><Filename>/usr/local/share/ttfonts</Filename></Literal>'') en
kopieer &eacute;&eacute;n of alle fontbestanden vanuit je Windowssysteem
(waar ze zijn te vinden in de directory 
``<Literal><Filename>c:\windows\fonts</Filename></Literal>'') naar de nieuwe
 directory.</Para>

<Tip><Para>Tip: Als je geen TrueType fonts beschikbaar hebt, kun je
ze direct downloaden vanaf Microsoft op <ULink
URL="http://www.microsoft.com/typography/fontpack/default.htm">
http://www.microsoft.com/typography/fontpack/default.htm</ULink>.
</Para></Tip>

<Para>Typ vanuit je nieuwe ``ttfonts'' directory (als root) het volgende
in om gebruik te maken van de fonts:
</Para>

<Screen>
ttmkfdir -o fonts.scale
mkfontdir
</Screen>

<Para>Wijzig vervolgens het bestand
``<Literal><Filename>/etc/X11/fs/config</Filename></Literal>'', 
voeg je nieuwe directory met fonts toe aan de lijst met bestaande directory's.
Wijzig ook de <Literal>default-point-size</Literal> van 120 naar 140, 
waarmee je grotere, betere leesbare fonts zal krijgen.
</Para>

<Para>Sluit vervolgens X af (als je dit nog niet had gedaan) en start
de xfs server als volgt opnieuw op:
</Para>

<Screen>
/etc/rc.d/init.d/xfs restart
</Screen>

<Para>Herstart als laatste X en geniet van je prachtige nieuwe fonts!</Para>

<Para>Voor meer gedetailleerde informatie over het verbeteren van font
support onder X, is er een uitstekende bron genaamd de
``<Emphasis>XFree86 Font Deuglification Mini HOW-TO</Emphasis>'' op
<ULink URL="http://www.frii.com/~meldroc/Font-Deuglification.html">
http://www.frii.com/~meldroc/Font-Deuglification.html</ULink>.</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="xwindows-winmgr"><Title>Uitkiezen van een Window Manager voor X</Title>

<Para>Nu zou je een beslissing moeten nemen over een window manager.
Het X Window Systeem is gewoon de omgeving die het toestaat dat er
grafische afbeeldingen op de hardware van je systeem kunnen worden
weergegeven; de window manager is verantwoordelijk voor de weergave van X en
hoe de wisselwerking tussen jou en je applicaties plaatsvindt.
</Para>

<Para>De Red Hat Linux-distributie bevat verscheidene window managers,
waaronder fvwm, olvm, twm, AfterStep, en anderen. De standaard window manager
die je waarschijnlijk te zien krijgt als je X voor de eerste keer opstart, is
fvwm95, een op Win95 lijkende omgeving.</Para>

<Para>Persoonlijk merk ik verschillen tussen dat wat gebruikelijk wordt 
aangeboden en mijn eigen smaak, en ik raad je aan gebruik te maken van
&oacute;f GNOME &oacute;f KDE (of beiden!), waarvan de installatie in de
volgende twee secties wordt behandeld.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="using-gnome"><Title>GNOME Installatie en Configuratie</Title>

<Para>De GNU Network Object Model Environment (GNOME) is een window
omgeving die je X window omgeving uitbreidt. Het bevat volledige mogelijkheden,
waaronder een grote selectie applicaties die van nut kunnen zijn.
Op moment van dit schrijven heeft GNOME echter nog een paar kleine bugs,
wat betekent dat het kan zijn dat je zo nu en dan zit opgescheept met
een dolende werking. Het is echter tamelijk stabiel en beslist bruikbaar!
</Para>

<Para>Als je Red Hat 6.1 gebruikt, wordt de laatste GNOME-versie (tenminste,
de laatste op moment van dit schrijven!) met de distributie geleverd.
Anders zal je de laatste RPM-distributie van het package
moeten downloaden. Op moment van dit schrijven, zijn de RPM-bestanden voor
Red Hat 6.0 i386 systemen te vinden op
<ULink URL="ftp://ftp.gnome.org/pub/GNOME/RHAD/redhat-6.0/i386/">
ftp://ftp.gnome.org/pub/GNOME/RHAD/redhat-6.0/i386/</ULink> (of vanaf een
mirror-site).</Para>

<Note><Para>Noot: Als je Red Hat 6.0 gebruikt, zou je je er bewust van 
moeten zijn dat het met een GNOME-versie met tamelijk veel fouten werd
geleverd. Je zou de laatste RPM's vanaf de FTP-site zoals hierboven
beschreven, moeten downloaden.
</Para></Note>

<Para>Nadat je alle benodigde bestanden hebt, kan het GNOME-package met
een eenvoudig commando worden ge&iuml;nstalleerd, typ als
<Quote>root</Quote>:</Para>

<Screen>
rpm -Uvh gtk*.rpm *.rpm
</Screen>

<Para>(Het commando hierboven verzekert je ervan dat de GTK library's als
eerste worden ge&iuml;nstalleerd, om fouten over afhankelijkheden te
voorkomen).
</Para>

<Para>In tegenstelling tot wat mensen geloven, is GNOME in werkelijkheid
<Emphasis>geen</Emphasis> Window manager, maar in plaats daarvan bevindt het
zich bovenop je favoriete Window manager, en voegt het er aanvullende 
functionaliteit aan toe. Daarom zou je zodra je
GNOME hebt ge&iuml;nstalleerd, een beslissing moeten nemen over welke
window manager je wenst te gebruiken en een bestand
``<Literal><Filename>.xinitrc</Filename></Literal>'' in je directory
aan moeten maken, welke de van toepassing zijnde window manager laadt en
GNOME opstart. Het bestand zou er ongeveer zo uit moeten zien:</Para>

<ProgramListing>
afterstep &
exec gnome-session
</ProgramListing>

<Para>Hiermee zal AfterStep voor de window manager worden geladen en 
vervolgens zal GNOME daar bovenop worden gedraaid.
</Para>

<Para>Meer informatie over de GNU Network Object Model Environment is te
vinden op de webpage van GNOME op <ULink URL="http://www.gnome.org/">
http://www.gnome.org/</ULink>. Vergeet de schermafbeeldingen te vinden op,
<ULink URL="http://www.gnome.org/screenshots/">
http://www.gnome.org/screenshots/</ULink> niet te bekijken.</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="using-kde"><Title>KDE Installatie en Configuratie</Title>

<Para>Het K Desktop Package (KDE) is een andere populaire window manager 
dat tijdens dit schrijven wat volwassener is dan GNOME.
Het schijnt echter wat meer geheugenbronnen te vereisen dan GNOME, 
dus neem de hoeveelheid RAM op je systeem in overweging (als je
minder hebt dan 64 Mb RAM en 128 Mb swap, ben je wellicht beter af met
GNOME). 
</Para>

<Para>De eerste stap voor het installeren van KDE is het downloaden van
de laatste RPM-distributie van het package.
Zoek hiervoor naar een FTP-mirror op <ULink
URL="http://www.kde.org/mirrors.html">
http://www.kde.org/mirrors.html</ULink>. Probeer een mirror uit te kiezen
die zich dichtbij je geografische lokatie bevindt, en wees er zeker van dat
je er &eacute;&eacute;n uitkiest die vaak wordt bijgewerkt (dit kan worden
vastgesteld door de lijst met mirrors te bekijken).
</Para>

<Para>Wanneer je een geschikte mirror hebt gevonden, download je alle
RPM-bestanden die van toepassing zijn op je Red Hat versie en platform.
Als je bijvoorbeeld Red Hat 5.2 (of hoger) gebruikt op een Intel-platform,
zal je het package waarschijnlijk vanaf de FTP-mirror vanuit de directory 
``<Literal><Filename>/pub/mirrors/kde/stable/latest/distribution/rpm/RedHat-5.2/i386/</Filename></Literal>'' willen downloaden.
</Para>

<Para>Als je alle benodigde bestanden hebt, kan het KDE package als
<Quote>root</Quote> met de volgende simpele commando's worden
ge&iuml;nstalleerd (zorg dat je je in de directory bevindt met de KDE
rpm-bestanden):
</Para>

<Screen>
rpm -Uvh qt*.rpm
install-kde-1.1-base
</Screen>

<Para>Deze commando's zullen als eerste de Qt library's installeren, en
vervolgens het KDE base package. Zodra dit is gebeurd, zou je uit moeten
loggen (of als je met ``su'' als root bent ingelogd, typ je gewoon exit en
nogmaals ``su''), zodat het path juist wordt ingesteld, en vervolgens tik
je in: </Para>

<Screen>
install-kde-1.1-apps
</Screen>

<Para>Met dit commando zullen de applicatie-programma's worden ge&iuml;nstalleerd.</Para>

<Para>Deze installatieprocedure wordt in meer detail besproken in het
bestand ``<Literal><Filename>readme-redhat-rpms.txt</Filename></Literal>'' dat
met de KDE-bestanden die je downloadde zou moeten zijn meegeleverd.</Para>

<Para>Als alles goed gaat en KDE zonder foutmeldingen is ge&iuml;nstalleerd,
kun je als je dat wilt, KDE als de standaard window manager voor al je
gebruikers configureren (degene die ze onmiddellijk zullen zien na het
intikken van ``<Literal>startx</Literal>''), door wederom als 
<Quote>root</Quote> het volgende in te tikken:</Para>

<Screen>
/opt/kde/bin/usekde <Emphasis>userid</Emphasis>
</Screen>

<Para>(Vervang <Emphasis>userid</Emphasis> door een echt gebruikers-id!)
</Para>

<Para>Meer informatie over de K Desktop Environment is te vinden op de
webpage van KDE op <ULink URL="http://www.kde.org/">http://www.kde.org/</ULink>.
Vergeet de schermafbeeldingen, te vinden op
<ULink URL="http://www.kde.org/kde2shots.html">
http://www.kde.org/kde2shots.html</ULink> niet te bekijken.</Para>

</Sect1>

</Chapter>
 
<Chapter id="administrative-issues"><Title>Algemene Systeembeheer Zaken</Title>

<Sect1 id="root-account"><Title>Root Account</Title>

<Para>Het <Quote>root</Quote> account is het meest bevoorrechte account op
een Unix-systeem. Dit account geeft je de mogelijkheid alle facetten van
systeembeheer uit te voeren, waaronder het toevoegen van accounts, het wijzigen
van wachtwoorden voor gebruikers, bestuderen van logbestanden, installeren van
software, enz.
</Para>

<Para>Bij het gebruiken van dit account is het van groot belang zo
voorzichtig mogelijk te zijn.
Het <Quote>root</Quote> account heeft geen beveiligingsbeperkingen
opgelegd gekregen. Dit betekent dat het eenvoudig is administratieve
verplichtingen zonder gedoe uit te voeren.
Het systeem verkeert echter in de veronderstelling dat je weet wat je
doet en het zal exact datgene doen waar je om verzoekt -- er worden
geen vragen gesteld. Daarom is het nogal makkelijk door een onjuist
ingetikt commando, kritieke systeembestanden te verwijderen.
</Para>

<Para>Als je je als <Quote>root</Quote> hebt ge&iuml;ntroduceerd of
je als <Quote>root</Quote> voordoet, toont de shell-prompt als het laatste
teken een '#' (als je gebruik maakt van bash). Dit dient als een waarschuwing
voor de absolute kracht van dit account.
</Para>

<Para>De stelregel is nooit als <Quote>root</Quote> in te loggen, tenzij
het absoluut noodzakelijk is. Typ als <Quote>root</Quote> de commando's
met aandacht in en controleer ze nog eens voordat je op de return drukt.
Log zo snel mogelijk uit van het <Quote>root</Quote>-account nadat je
de taak waarvoor je hebt ingelogd hebt bewerkstelligd.
Tenslotte, (dit geldt voor ieder account maar is vooral voor dit
account belangrijk), houd het wachtwoord veilig!
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="creating-user-accounts"><Title>Gebruikersaccounts Aanmaken</Title>

<Warning><Para>(WAARSCHUWING: GECENTREERD RONDOM SLACKWARE. MOET WORDEN BIJGEWERKT VOOR RED HAT)</Para></Warning>

<Para>In deze sectie wordt verondersteld dat je de Shadow passwd suite
op je Linux-systeem gebruikt. Als dit niet zo is, zou je het in overweging
moeten nemen het wel te gebruiken, aangezien het helpt de beveiliging
wat aan te scherpen. De Shadow suite is tamelijk eenvoudig
te installeren en het zal je niet-shadow password bestand automatisch
converteren naar het nieuwe shadow-formaat.
</Para>

<Para>Er zijn twee stappen benodigd voor het aanmaken van een nieuw
gebruikersaccount. De eerste bestaat uit het daadwerkelijk aanmaken van
de account zelf, het tweede bestaat uit het voorzien in een alias naar
het e-mail adres (op m'n werk volgen we de conventie
<Quote>Voornaam.Achternaam@onze.domein.naam</Quote>).</Para>

<Para>Neem een beslissing over welke gebruikersnaam je aan de gebruiker
toekent, om de account aan te maken.
De gebruikersnaam is ten hoogste 8 tekens lang en waar mogelijk zou je
voor hun achternaam moeten kiezen of de achternaam en de eerste initiaal
als een gebruikersaccount reeds bestaat (het adduser script detecteert
dit en zal beletten dat je dubbele account-namen toevoegt).
</Para>

<Para>Er zal je dan worden gevraagd andere informatie in te voeren:
volledige naam van de gebruker, gebruikersgroep (meestal de standaardwaarde),
een gebruikersid # (wordt automatisch toegekend), de homedirectory (wordt
automatisch toegekend), een gebruikers-shell, wat waarden voor het verlopen
van het wachtwoord, en als laatste het gewenste wachtwoord (wat niet naar
het scherm teruggekaatst zal worden; je zou er voor moeten zorgen dat de
gebruiker om beveiligingsredenen een wachtwoord kan kiezen tussen de 6 en 8
tekens).
</Para>

<Para>Merk alsjeblieft op dat <Emphasis>alles</Emphasis>, behalve de
volledige naam van de gebruiker, in kleine letters ingevuld zal moeten
worden. De naam van de gebruiker en het wachtwoord kunnen 
in een <Quote>prettig formaat</Quote> (bv. Joe Smith) worden ingevoerd.
Informeer je gebruiker(s) dat ze gezien de hoofdlettergevoeligheid bij het
invoeren van hun gebruikersnaam en wachtwoord identieke letters gebruiken.
</Para>

<Para>Hierna volgt een voorbeeldsessie waarin we een gebruiker met de
naam Joe Smith toe zullen voegen:
</Para>

<Screen>
<Prompt>mail:~#</Prompt> <UserInput>/sbin/adduser</UserInput>
<Prompt>User to add (^C to quit):</Prompt> <UserInput>smith</UserInput>
That name is in use, choose another.
<Prompt>User to add (^C to quit):</Prompt> <UserInput>smithj</UserInput>
Editing information for new user [smithj]
<Prompt>Full Name:</Prompt> <UserInput>Joe Smith</UserInput>
<Prompt>GID [100]:</Prompt> <UserInput> </UserInput>
Checking for an available UID after 500
First unused uid is 859
<Prompt>UID [859]:</Prompt> <UserInput> </UserInput>
<Prompt>Home Directory [/home/smithj]:</Prompt> <UserInput> </UserInput>
<Prompt>Shell [/bin/bash]:</Prompt> <UserInput> </UserInput>
<Prompt>Min. Password Change Days [0]:</Prompt> <UserInput> </UserInput>
<Prompt>Max. Password Change Days [30]:</Prompt> <UserInput>90</UserInput>
<Prompt>Password Warning Days [15]:</Prompt> <UserInput> </UserInput>
<Prompt>Days after Password Expiry for Account Locking [10]:</Prompt> <UserInput>0</UserInput>
<Prompt>Password [smithj]:</</Prompt> <UserInput>FL1539</UserInput>
<Prompt>Retype Password:</</Prompt> <UserInput>Fl1539</UserInput>
Sorry, they do not match.
<Prompt>Password:</</Prompt>> <UserInput>FL1539</UserInput>
<Prompt>Retype Password:</</Prompt> <UserInput>FL1539</UserInput>

Information for new user [smithj]:
Name: Joe Smith
Home directory: /home/smithj
Shell: /bin/bash
Password: &lt;hidden&gt;
Uid: 859        Gid: 100
Min pass: 0     maX pass: 99999
Warn pass: 7    Lock account: 0
public home Directory: no
Typ 'y' als dit juist is, 'q' om het programma te annuleren en verlaten,
<Prompt>of de letter van het item dat je wenst te veranderen:</Prompt> <UserInput>Y</UserInput>
</Screen>

<Para>De volgende stap bestaat uit het aanmaken van de alias voor
het e-mail account van de gebruiker.
Dit geeft mensen de keuze hun accountnaam voor hun e-mail adres 
&oacute;f hun volledige naam (Eerste.Laaste combinatie) te gebruiken om het voor
de buitenwereld te <Quote>vereenvoudigen</Quote> hun e-mail adres te raden
wanneer er voor de eerste keer wordt geprobeerd contact met ze te maken.
</Para>

<Para>Wijzig als volgt het bestand
``<Literal><Filename>/etc/aliases</Filename></Literal>'' 
om de e-mail alias toe te voegen:</Para>

<Para><Prompt>mail#</Prompt> <UserInput>pico -w /etc/aliases</UserInput></Para>

<Para>Voeg de nieuwe alias onderaan het bestand toe. Het formaat voor een
alias is:
</Para>

<Screen>
Voornaam.Achternaam:gebruikersnaam
</Screen>

<Para>Je zou de gebruiker moeten vragen naar zijn voorkeur (bv.
Joseph.Smith of Joe.Smith). Voor onze nieuwe gebruiker Joe Smith, 
zou het er als volgt uitzien:</Para>

<Screen>
Joe.Smith:smith
</Screen>

<Para>Wanneer je klaar bent met het toevoegen van de alias, druk je op
<Literal>&lt;<KeyCap>Ctrl</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>X</KeyCap>&gt;</Literal>
en sla je het bestand op. Typ vervolgens ``<Literal>newaliases</Literal>'' 
om de database met aliassen bij te werken.
</Para>

<Para>Tot op dit punt is de gebruikersaccount aangemaakt en klaar voor
gebruik. Je doet er goed aan de gebruiker er aan te herinneren dat zijn
gebruikersnaam en wachtwoord in kleine letters moeten worden ingevoerd, en
wat het e-mail adres is
(bv. ``<Emphasis>Joe.Smith@mail.mijndomein.naam</Emphasis>'').</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="changing-user-passwords"><Title>Gebruikerswachtwoorden Wijzigen</Title>

<Para>Om het wachtwoord namens een gebruiker te wijzigen, log je eerst in
of gebruik je het <Quote>su</Quote> commando voor het 
<Quote>root</Quote>-account. Vervolgens typ je
``<Literal>passwd user</Literal>'' (waar user staat voor de naam van de
gebruiker wiens wachtwoord je gaat wijzigen). Het systeem zal je
dan vragen een wachtwoord in te voeren. Wachtwoorden worden niet naar het
scherm teruggekaatst wanneer je ze invoert.
</Para>

<Para>Je kunt ook je eigen wachtwoord wijzigen, door het intikken van
``<Literal>passwd</Literal>'' (zonder het specificeren van een gebruikersnaam).
Er zal je ter verificatie worden gevraagd naar je eigen wachtwoord,
en vervolgens kun je een nieuw wachtwoord invoeren.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="disabling-user-accounts"><Title>Gebruikersaccounts deactiveren</Title>

<Para>Wijzig als root het bestand
 ``<Literal><Filename>/etc/shadow</Filename></Literal>'' om een
gebruikersaccount te deactiveren (ervan uitgaand dat je gebruik maakt van
shadow passwords; als dit niet zo is, wijzig je in plaats daarvan het
bestand ``<Literal><Filename>/etc/passwd</Filename></Literal>''),
en vervang je het wachtwoord (die in een versleutelde vorm is opgeslagen)
door een ``*'' asterisk. Alle Unix-wachtwoorden, ongeacht de lengte (tot
aan een maximum van 8 tekens), worden als versleutelde strings van
13 tekens in het wachtwoordbestand opgeslagen.
Daarom is het door het vervangen van het wachtwoord door een
enkel ``*'' teken, onmogelijk voor een gebruiker om in te loggen.
</Para>

<Note><Para>Noot: Deze methode vereist dat je een nieuw wachtwoord aan de
gebruiker toekent als je de account weer activeert, aangezien het
versleutelde wachtwoordveld zal zijn vervangen. &Eacute;&eacute;n 
tussen systeembeheerders populair lijkende oplossing hiervoor is
gewoon het ``*'' teken voor het versleutelde wachtwoord te plaatsen om
het account te deactiveren, en de asterisk gewoon weer te verwijderen om
het te activeren.
</Para></Note>

<Para>Zie de 
<XRef LinkEnd="shadow-file-formats"> voor meer informatie over de
``<Literal><Filename>/etc/passwd</Filename></Literal>'' en
``<Literal><Filename>/etc/shadow</Filename></Literal>'' bestanden.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="removing-user-accounts"><Title>Gebruikersaccounts Verwijderen</Title>

<Para>Bij gelegenheid, wil je wellicht een gebruiker de toegang tot je server
geheel ontzeggen.
</Para>

<Para>Als Red Hat gebruiker, is de eenvoudigste manier om een ongewenst
gebruikersaccount te verwijderen met het commando
``<Literal>userdel</Literal>'', dat als ``root'' moet worden ingetypt.
Een voorbeeld:</Para>

<Screen>
/usr/sbin/userdel baduser
</Screen>

<Para>Met het commando hierboven zal de gebruikersnaam volledig overeenkomend
met ``<Emphasis>baduser</Emphasis> vanuit het bestand
``<Literal><Filename>/etc/passwd</Filename></Literal>'' worden verwijderd,
en als je gebruik maakt van het Shadow password formaat (wat zo zou moeten
zijn; zie de <XRef LinkEnd="shadow-file-formats"> voor details), vanuit
``<Literal><Filename>/etc/shadow</Filename></Literal>''.</Para>

<Note><Para>Noot: Het bestand ``<Literal><Filename>/etc/group</Filename>
</Literal>'' wordt <Emphasis>niet</Emphasis> aangepast, ter voorkoming
van de verwijdering van een groep waar ook andere gebruikers toe kunnen
behoren. Dit is niet zo'n probleem, maar als dit je hindert, kun je het
bestand wijzigen en de regel met de hand verwijderen.
</Para></Note>

<Para>Voeg de optie ``<Literal>-r</Literal>'' toe aan het commando
``userdel'', als je tevens de homedirectory van de gebruiker wilt verwijderen.
Bijvoorbeeld:</Para>

<Screen>
/usr/sbin/userdel -r baduser
</Screen>

<Para>Ik raad je aan een account niet onmiddellijk te verwijderen, maar
het eerst gewoon te <Emphasis>deactiveren</Emphasis>, vooral als je met
een bedrijfsserver met veel gebruikers werkt.
Per slot van rekening, kan het zijn dat de eerder genoemde gebruiker op
een dag het gebruik van zijn of haar account weer nodig heeft, of om 
&eacute;&eacute;n of meerdere bestanden vraagt die in zijn/haar homedirectory
waren opgeslagen. Of misschien dat een 
<Emphasis>nieuwe</Emphasis> gebruiker (zoals bij vervanging van een
werknemer) toegang nodig heeft tot de bestanden van de eerdere gebruiker.
Zorg er in ieder geval voor dat je backups hebt van de homedirectory van
de eerdere gebruiker, <Quote>voor het geval dat</Quote>. Zie de
<XRef LinkEnd="disabling-user-accounts"> voor details over het deactiveren
van een account, en <XRef LinkEnd="backup-and-restore"> voor details over
het maken van backups.</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="shadow-file-formats"><Title>Linux Password &amp; Shadow Bestandsformaten</Title>

<Para>Tradionele Unix-systemen houden informatie bij over een 
gebruikersaccount, waaronder de in &eacute;&eacute;n richting versleutelde
wachtwoorden, in een tekstbestand genaamd ``<Literal><Filename>/etc/passwd</Filename></Literal>''. Aangezien dit bestand door veel tools wordt gebruikt
(zoals ``ls'') om de eigenaar van bestanden te tonen, enz. 
door een match tussen het gebruikersid # en de gebruikersnaam, moet het
bestand voor iedereen leesbaar zijn. 
Dit heeft als consequentie dat het een beveiligingsrisico met zich
meebrengt.
</Para>

<Para>Een andere methode om account-informatie op te slaan, &eacute;&eacute;n
die ik altijd gebruik, is in het shadow passwd formaat. Net als bij de 
traditionele methode wordt de account-informatie in het bestand /etc/passwd
in een compatibel formaat opgeslagen. Het wachtwoord wordt echter als een
enkel <Quote>x</Quote>-teken opgeslagen (dwz. niet echt in dit bestand
opgeslagen). In een tweede bestand, genaamd
``<Literal><Filename>/etc/shadow</Filename></Literal>'', staat een
versleuteld wachtwoord als ook nog wat andere informatie zoals waarden
wanneer de account of het wachtwoord verloopt, enz.
Het bestand /etc/shadow is alleen leesbaar voor het root-account en is 
daarom een minder beveiligingsrisico.
</Para>

<Para>Terwijl een aantal Linux-distributies je dwingen de Shadow Password
Suite te installeren om gebruik te kunnen maken van het shadow-formaat,
maakt Red Hat het je gemakkelijk.
Om tussen de twee formaten te schakelen, typ je (als root):
</Para>

<Screen>
  /usr/sbin/pwconv	Converteren naar het shadow formaat
  /usr/sbin/pwunconv	Weer terugzetten in het tradionele formaat
</Screen>

<Para>Met shadow passwords, staat in het bestand
``<Literal><Filename>/etc/passwd</Filename></Literal>'' de account-informatie
en het ziet er ongeveer zo uit:</Para>

<ProgramListing>
smithj:x:561:561:Joe Smith:/home/smithj:/bin/bash
</ProgramListing>

<Para>De velden in een passwd record worden van elkaar gescheiden door een
dubbele punt, <Quote>:</Quote>, en dit zijn:
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">

<ListItem><Para>Gebruikersnaam, tot aan 8 tekens. Hoofdlettergevoelig,
meestal geheel in kleine letters
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Een <Quote>x</Quote> in het wachtwoordveld. Wachtwoorden
zijn opgeslagen in het bestand ``<Literal><Filename>/etc/shadow</Filename>
</Literal>''.</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Numeriek gebruikers-id. Deze wordt toegekend door het
``<Literal>adduser</Literal>'' script.  Unix gebruikt dit veld, plus het
volgende groepsveld, om te achterhalen welke bestanden aan de gebruiker
toebehoren.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Numeriek groeps-id. Red Hat maakt op een tamelijk
unieke wijze gebruik van groeps-id's voor verbeterde bestandsbeveiliging.
Meestal komt de groeps-id overeen met de gebruikers-id.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Volledige naam van de gebruiker. Ik weet niet zeker wat
de maximumlengte van dit veld is, maar probeer het redelijk te houden
(minder dan 30 tekens).
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Homedirectory van de gebruiker. Meestal /home/username (bv.
/home/smithj). Alle persoonlijke bestanden, webpage's, mail forwarding,
enz. van de gebruiker zullen hier worden bewaard.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Quote>shell account</Quote> van de gebruiker. Vaak
ingesteld op ``<Literal><Filename>/bin/bash</Filename></Literal>'' 
om toegang tot de bash-shell te verschaffen (mijn persoonlijke favoriete
shell).</Para></ListItem>
</ItemizedList>

<Para>Misschien dat je niet in shell-accounts voor je gebruikers wilt
voorzien. Je zou bijvoorbeeld een script-bestand genaamd
``<Literal><Filename>/bin/sorrysh</Filename></Literal>'' aan kunnen maken,
dat &eacute;&eacute;n of andere foutmelding weergeeft en de gebruiker uitlogt,
en je zou dit script dan als de standaardshell in kunnen stellen.
</Para>

<Note><Para>Noot: Als de account moet zijn worden voorzien van 
<Quote>FTP</Quote>-transport om webpages bij te werken, enz.,
dan zal de shell-account moeten worden ingesteld
op ``<Literal><Filename>/bin/bash</Filename></Literal>'' -- en vervolgens
zullen speciale permissies moeten worden ingesteld in de homedirectory van
de gebruiker om shell-logins te voorkomen.
Zie de <XRef LinkEnd="web-server-administration"> voor details.
</Para></Note>

<Para>Het ``<Literal><Filename>/etc/shadow</Filename></Literal>'' bestand
bevat informatie over het verlopen van het wachtwoord en account voor
gebruikers en het ziet er ongeveer zo uit:
</Para>

<ProgramListing>
smithj:Ep6mckrOLChF.:10063:0:99999:7:::
</ProgramListing>

<Para>Net als in het passwd bestand, worden ook alle velden in het shadow
bestand door <Quote>:</Quote> dubbele punten gescheiden, en dit zijn de velden:
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">
<ListItem><Para>Gebruikersnaam, tot aan 8 tekens. Hoofdlettergevoelig, 
meestal allen kleine letters. Een directe overeenkomst met de gebruikersnaam
in het bestand /etc/passwd.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Wachtwoord, 13 versleutelde tekens. Een leeg veld (dwz. ::)
geeft aan dat er geen wachtwoord is vereist om in te loggen (dit is
gewoonlijk een slecht plan), en een ``*'' veld (dwz. :*:) geeft aan dat
het account is gedeactiveerd.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het aantal dagen (sedert 1 januari, 1970) sinds het wachtwoord
voor het laatst werd gewijzigd.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het aantal dagen voordat het wachtwoord mag worden gewijzigd
(0 geeft aan dat het op ieder moment mag worden gewijzigd)</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het aantal dagen nadat het wachtwoord 
<Emphasis>moet</Emphasis> worden gewijzigd (99999 geeft aan dat de
gebruiker zijn of haar wachtwoord vele, vele jaren ongewijzigd mag laten)
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het aantal dagen dat een gebruiker moet worden gewaarschuwd
dat een wachtwoord is verlopen (7 voor een volledige week)</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het aantal dagen nadat het wachtwoord is verlopen dat het
account wordt gedeactiveerd
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het aantal dagen sinds Januari 1, 1970 dat een account
werd gedeactiveerd
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Een gereserveerd veld voor mogelijk toekomstig gebruik</Para></ListItem>
</ItemizedList>

</Sect1>

<Sect1 id="system-shutdown-and-restart"><Title>Systeem Afsluiten en Herstarten
</Title>

<Para>Voor het afsluiten van het systeem vanuit een terminalsessie,
log je in of gebruik je <Quote>su</Quote> voor het <Quote>root</Quote>-account. Vervolgens typ je ``<Literal>/sbin/shutdown -r now</Literal>''. Het kan even
duren voor alle processen zijn be&euml;indigd, en vervolgens zal Linux worden
afgesloten. De computer zal zichzelf rebooten. Als je onder de console werkt,
is het indrukken van
<Literal>&lt;<KeyCap>Ctrl</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>Del</KeyCap>&gt;</Literal> een sneller alternatief voor het afsluiten.
Wees alsjeblieft geduldig aangezien het afsluiten van Linux een paar minuten
kan duren.
</Para>

<Para>Je kunt het systeem ook afsluiten en het een halt toeroepen (dwz,
het zal worden afgesloten zonder dat het 't systeem opnieuw opstart).
Het systeem zal niet beschikbaar zijn totdat je de aan-/uitknop weer hebt
ingedrukt of het met
<Literal>&lt;<KeyCap>Ctrl</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>Alt</KeyCap>&gt;-&lt;<KeyCap>Del</KeyCap>&gt;</Literal> hebt gereboot.  
Dit kan handig zijn als je bijvoorbeeld het systeem af moet sluiten en het
naar een andere lokatie moet verplaatsen.
Typ hiervoor ``<Literal>/sbin/shutdown -h now</Literal>'' wanneer je je als
<Quote>root</Quote> hebt aangemeld of via het
<Quote>su</Quote>-commando op het <Quote>root</Quote>-account bent ingelogd.
Linux zal zichzelf afsluiten en vervolgens de melding
<Quote>System halted</Quote> weergeven. Op dit punt kun je de stroom afsluiten.
</Para>

<Para>Het is waarschijnlijk een goed idee alleen het systeem af te sluiten,
wanneer je op de console bent. Alhoewel je op afstand het systeem via een
shell-sessie af kunt sluiten, zal het systeem niet meer beschikbaar zijn
totdat er actie wordt ondernomen op de systeemunit als er iets fout gaat
en het systeem niet juist herstart.
(Ik heb hier echter zelf geen problemen mee ervaren).
</Para>

<Para>Bij de systeemstart, zal Linux automatisch alle benodigde services
waaronder netwerkondersteuning, en Internet-services starten en laden.
</Para>

<Tip><Para>Tip: Als je eventuele online-gebruikers
(online in de betekenis van ingelogd op shell-accounts) wilt waarschuwen, 
kun je het sleutelwoord <Quote>now</Quote> vervangen door een tijdswaarde.
Je kunt ook de waarschuwingsmelding bij het afsluiten aanpassen.
Met ``<Literal>/sbin/shutdown -r +5 Hardware upgrade</Literal>'' zouden
de gebruikers bijvoorbeeld worden gewaarschuwd dat het systeem vanwege de
opgegeven reden af zal worden gesloten. Vervolgens krijgen ze periodieke
waarschuwingen dat ze bestanden zouden moeten sluiten en uit moeten loggen
voordat het grote moment aanbreekt.
</Para></Tip>

</Sect1>

</Chapter>

<Chapter id="custom-config"><Title>Aangepaste Configuratie en Beheer
</Title>

<Para>Voor zowel persoonlijk gebruik als op het werk, lukte het me met
een standaardinstallatie van de Red Hat Linux-distributie van start te
gaan en <Quote>direct</Quote> met weinig tot geen veranderingen aan de
standaard configuratie-instellingen in services te voorzien.
</Para>

<Para>Er waren echter een aantal kleine wijzigingen en extra services
nodig om in alle Internet, file &amp; print services, en andere services
te voorzien, die op mijn werk in gebruik zijn.
De lokale beheerder zou met het volgende rekening moeten houden:</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Normal">
<ListItem><Para>Het bestand
``<Literal><Filename>/etc/rc.d/rc.local</Filename></Literal>'' wordt bij
het starten van het systeem uitgevoerd en hierin staan extra services die
je aan je server toevoegt die tijdens de systeemstart uitgevoerd zouden
moeten worden.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Kijk in /etc voor alle site-specifieke wijzigingen die
mogelijk nodig kunnen zijn. Dit zouden onder andere kunnen zijn:
</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">
<ListItem><Para>``<Literal><Filename>/etc/inetd.conf</Filename></Literal>''
(verzeker je ervan dat onnodige services, zoals finger, echo, chargen
zijn gedeactiveerd; en tevens dat alle benodigde services zijn toegevoegd of
gewijzigd).
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal><Filename>/etc/exports</Filename></Literal>''
(hierin staat een lijst met hosts die NFS-volumes mogen mounten; zie de <XRef
LinkEnd="nfs-services"> voor details)</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal><Filename>/etc/organization</Filename></Literal>'',
``<Literal><Filename>/etc/nntpserver</Filename></Literal>'',
``<Literal><Filename>/etc/NNTP_INEWS_DOMAIN</Filename></Literal>'' (stel het
in zoals van toepassing is)
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal><Filename>/etc/lilo.conf</Filename></Literal>''
(hierin staat informatie voor de LILO bootloader -- het proces waarmee
de Linux-kernel tijdens het booten wordt geladen; zie de
<XRef LinkEnd="install-lilo"> voor de details)</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal><Filename>/etc/sudoers</Filename></Literal>''
(een lijst met gebruikers aan wie speciale privileges zijn gegeven, met
de commando's die zij uit mogen voeren)
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal><Filename>/etc/named.boot</Filename></Literal>''
(voor het gebruik van DNS; zie de <XRef LinkEnd="domain-name-server"> voor
details)</Para></ListItem>
</ItemizedList></ListItem>

<ListItem><Para>Alles in
``<Literal><Filename>/usr/local/</Filename></Literal>'' (en
subdirectory's) bestaat uit extra packages of aanpassingen van bestaande
packages die je hier hebt ge&iuml;nstalleerd, als je vanuit iets dergelijks
als tar-archieven hebt ge&iuml;nstalleerd in plaats van RPM.
(Of je zou ze op z'n minst hier moeten hebben ge&iuml;nstalleerd).
Deze bestanden zouden, vooral die in /usr/local/src/, up-do-date moeten
worden gehouden. Zie <XRef LinkEnd="upgrading-linux"> voor details.</Para>
</ListItem>

</ItemizedList>

<Sect1 id="web-server-administration"><Title>Web Server en HTTP Caching Proxy Beheer</Title>

<Warning><Para>(WAARSCHUWING: NEGEER DEZE SECTIE!)</Para></Warning>

<OrderedList Spacing="Normal">

<ListItem><Para>Maak net als anders een Internet gebruiker aan. Het
<Quote>shell</Quote> account zou
``<Literal><Filename>/bin/bash</Filename></Literal>'' moeten zijn
(aangezien FTP een geldige shell vereist).
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal>cd /home ; chown root.root theuser</Literal>''
Dit maakt dat de directory <Quote>theuser</Quote> veiligheidshalve
aan root toebehoort.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal>cd /home/theuser ; mkdir www ; chown
theuser.theuser</Literal>'' Hiermee wordt een <Quote>www</Quote>
directory aangemaakt, en de eigenaarschap zodanig ingesteld dat ze
er naar kunnen schrijven en vanuit kunnen lezen.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>``<Literal>echo "exit" > .profile</Literal>''
Hiermee wordt een ``<Literal><Filename>.profile</Filename></Literal>'' bestand
aangemaakt met daarin de enkele regel ``<Literal>exit</Literal>''. Als de
gebruiker via telnet probeert in te loggen, zal de verbinding ogenblikkelijk
worden verbroken.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Voer een ``<Literal>ls -l</Literal>'' uit en wees er zeker
van dat er slechts 2 bestanden in de directory voorkomen
(waaronder niet de ``..'' en ``.''):</Para>

<ItemizedList Mark="Bullet" Spacing="Compact">
<ListItem><Para><Emphasis>.profile</Emphasis> (met als eigenaar
root.root)</Para></ListItem>

<ListItem><Para><Emphasis>www</Emphasis> (met als eigenaar
theuser.theuser)</Para></ListItem>
</ItemizedList>

<Para>Alle andere bestanden kunnen worden verwijderd (bv. ``<Literal>rm .less ;
rm .lessrc</Literal>'')</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Als de gebruiker e-mail forwarding geactiveerd nodig heeft,
zou je een .forward bestand aan kunnen maken waarin gewoon het juiste e-mail
adres als eerste en enige regel in het bestand staat.
</Para></ListItem>
</OrderedList>

<Para>Dat was 't. De gebruiker kan gebruik maken van FTP om de pagina's
bij te werken.</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="domain-name-server"><Title>Domain Name Server (DNS) Configuratie en Beheer</Title>

<Para>Op m'n werk gebruiken we Linux als een DNS-server. Het voldoet uitstekend.
Deze sectie richt zich op de configuratie van DNS-tabellen voor deze services
door gebruik te maken van het package BIND 8.x dat standaard bij de
Red Hat distributie wordt geleverd.
</Para>

<Note><Para>Noot: In Red Hat versie 5.1 en eerder wordt gebruik gemaakt van
het package BIND 4.x, welke een iets ander formaat voor zijn configuratie
bestand toepast. BIND 8.x biedt meer functionaliteit dan wat door BIND 4.x
wordt geboden en aangezien 4.x niet langer verder wordt ontwikkeld,
zou je moeten overwegen je BIND-package tot de laatste versie bij te werken.
Installeer gewoon het BIND RPM-package
(zie <XRef LinkEnd="using-rpm"> voor details over het gebruik van het RPM
utility), en converteer je configuratiebestand dan naar het nieuwe formaat.
</Para>

<Para>Gelukkig is het eenvoudig je bestaande BIND 4.x configuratiebestand
te converteren zodat het in overeenstemming is met BIND 8.x!
In de documentatie directory waarin als onderdeel van BIND wordt voorzien
(bijvoorbeeld ``<Literal><Filename>/usr/doc/bind-8.1.2/</Filename></Literal>''
voor BIND versie 8.1.2), komt een bestand voor genaamd
``<Literal><Filename>named-bootconf.pl</Filename></Literal>'', dit is een
uitvoerbaar Perl-programma. In de veronderstelling dat je Perl op je systeem
hebt ge&iuml;nstalleerd, kun je dit programma gebruiken om je
configuratiebestand te converteren. 
Typ hiervoor (als root) de volgende commando's:</Para>

<Screen>
<UserInput>cd /usr/doc/bind-8.1.2</UserInput>
<UserInput>./named-bootconf.pl < /etc/named.boot > /etc/named.conf</UserInput>
<UserInput>mv /etc/named.boot /etc/named.boot-obsolete</UserInput>
</Screen>

<Para>Nu zou je een bestand ``<Literal><Filename>/etc/named.conf</Filename>
</Literal>'' moeten hebben dat <Quote>direct voor gebruik</Quote> met 
BIND 8.x zou moeten werken. Je bestaande DNS-tabellen zullen met de nieuwe
versie van BIND werken zoals ze zijn, aangezien het formaat van de
tabellen hetzelfde is gebleven.
</Para>
</Note>

<Para>Het configureren van DNS-services onder Linux bestaat uit de volgende
stappen:
</Para>

<OrderedList Spacing="Normal">
<ListItem><Para>Om DNS-services te activeren, zou het bestand
``<Literal><Filename>/etc/host.conf</Filename></Literal>'' er ongeveer
zo uit moeten zien:
</Para>

<ProgramListing>
# Zoek namen eerst op via /etc/hosts, dan door een DNS query
order hosts, bind
# We hebben geen computers met meerdere adressen
multi on
# Controleer op IP-adres spoofing
nospoof on
# Waarschuw ons als iemand toegang tot de root van het systeem probeert te
# krijgen
alert on
</ProgramListing>

<Para>De extra spoof-detectie treft de performance iets van de DNS-lookups
(alhoewel te verwaarlozen), dus als je je hier niet al te veel zorgen
om maakt, kun je de regels met <Quote>nospool</Quote> en <Quote>alert</Quote>
deactiveren.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Configureer naar wens het bestand
``<Literal><Filename>/etc/hosts</Filename></Literal>''.  
Kenmerkend dat hieraan niet veel hoeft te worden gedaan, maar voor een
verbeterde performance kun je alle hosts toevoegen die je vaak benaderd
(zoals lokale servers) om de uitvoering van DNS-lookups hierop te voorkomen.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Het bestand
``<Literal><Filename>/etc/named.conf</Filename></Literal>'' zou zodanig
moeten zijn geconfigureerd dat het naar de DNS-tabellen overeenkomstig
het voorbeeld hieronder verwijst.
</Para>

<Note><Para>(Noot: de hierboven gebruikte IP-adressen zijn slechts voorbeelden
en moeten door je eigen class adressen worden vervangen!):
</Para></Note>

<ProgramListing>
options {
	// DNS tabellen zijn gelokaliseerd in de directory /var/named 
	directory "/var/named";

	// Forward eventule onopgeloste verzoeken naar onze ISP's name server
	// (dit is slechts een voorbeeld IP-adres, gebruik het niet!)
	forwarders {
		123.12.40.17;
	};

	/*
	 * Als er zich een firewall bevindt, tussen jou en de nameservers
         * waarmee je wilt communiceren, dan kan het zijn dat je de
         * commentaar-tekens voor de query-source richtlijn hieronder weg
         * moet halen.
	 * Vorige versies van BIND stelden vragen altijd via poort 53,
         * maar BIND 8.1 gebruikt standaard geen vastgestelde poort.
	 */
	// query-source address * port 53;
};

// Activeer caching en laad root server info
zone "named.root" {
	type hint;
	file "";
};

// Al onze DNS informatie wordt opgeslagen in /var/named/mijndomein_naam.db
// (bv. als mijndomein.naam = foobar.com gebruik dan foobar_com.db)
zone "mijndomein.naam" {
	type master;
	file "mijndomein_naam.db";
	allow-transfer { 123.12.41.40; };
};

// Reverse lookups voor 123.12.41.*, .42.*, .43.*, .44.* class C's
// (dit zijn slechts voorbeelden van Class C's -- gebruik ze niet!)
zone "12.123.IN-ADDR.ARPA" {
	type master;
	file "123_12.rev";
	allow-transfer { 123.12.41.40; };
};

// Reverse lookups voor 126.27.18.*, .19.*, .20.* class C's
// (dit zijn slechts voorbeelden van Class C's -- gebruik ze niet!)
zone "27.126.IN-ADDR.ARPA" {
	type master;
	file "126_27.rev";
	allow-transfer { 123.12.41.40; };
};
</ProgramListing>

<Tip><Para>Tip: Let hierboven op de opties <Literal>allow-transfer</Literal>,
waarmee DNS zone transfers tot een gegeven IP-adres worden begrenst.
In ons voorbeeld staan we de host op 123.12.41.40 (waarschijnlijk een slave
DNS-server in ons domein) toe zone transters te ondervragen. Als je deze
optie achterwege laat, zal iedereen op het Internet de mogelijkheid hebben
dergelijke transporten te ondervragen. Aangezien de hierboven geleverde
informatie vaak door spammers en IP-spoofers wordt gebruikt, raad ik je
ten zeerste aan zone transfers te begrenzen behalve naar je slave 
DNS-server(s), of in plaats daarvan gebruik te maken van het loopback adres,
``<Literal>127.0.0.1</Literal>''.
</Para></Tip>

</ListItem>

<ListItem><Para>Nu kun je je DNS-tabellen instellen in de
``<Literal><Filename>var/named/</Filename></Literal>'' directory zoals
is geconfigureerd in het bestand 
``<Literal><Filename>/etc/named.conf</Filename></Literal>'' in stap
drie. Het voor de eerste keer configureren van DNS database bestanden is
een grootse onderneming, en valt buiten het kader van dit boek. Er zijn
verscheidene leidraads, online en in afgedrukte vorm die zouden moeten worden
geraadpleegd. Hieronder worden echter verscheidene voorbeelden gegeven.
</Para>

<Para>Voorbeeld-entries in het
``<Literal><Filename>/var/named/mijndomein_naam.db</Filename></Literal>''
forward lookup bestand:</Para>

<ProgramListing>
; Dit is het Start of Authority (SOA) record. Bevat contact
; &amp; andere informatie over de name-server. Het serienummer
; moet worden gewijzigd wanneer het bestand is bijgewerkt (ter informatie aan
; secondary servers dat de zone informatie is gewijzigd).
    @ IN SOA mijndomein.naam.  postmaster.mijndomein.naam. (
	19990811	; Serienummer
	3600		; 1 uur refresh
	300		; 5 minuten retry
	172800		; 2 dagen expiry
	43200 )		; 12 uur minimum

; Een opsomming van de in gebruik zijnde name-servers. Onopgeloste 
; (entries in andere zones)
; zullen naar onze ISP's name server isp.domein.naam.com gaan
	IN NS		mijndomein.naam.
	IN NS		isp.domein.naam.com.

; Dit is de mail-exchanger. Je kunt er meer dan &eacute;&eacute;n inzetten.
; (als van toepassing), met het integer veld dat de prioriteit aangeeft
; (laagste heeft hogere prioriteit).
	IN MX		mail.mijndomein.naam.

; Voorziet in optionele informatie over het type computer &amp;
; besturingssysteem dat voor de server wordt gebruikt
	IN HINFO	Pentium/350	LINUX

; Een lijst met computernamen &amp; adressen
    spock.mijndomein.naam.    IN A    123.12.41.40   ; OpenVMS Alpha
    mail.mijndomein.naam.     IN A    123.12.41.41   ; Linux (main server)
    kirk.mijndomein.naam.     IN A    123.12.41.42   ; Windows NT (blech!)

; Inclusief eventuele in onze andere class C's
    twixel.mijndomein.naam.   IN A    126.27.18.161  ; Linux test machine
    foxone.mijndomein.naam.   IN A    126.27.18.162  ; Linux devel. kernel

; Alias (gebruikelijke) namen
    gopher	IN CNAME	mail.mijndomein.naam.
    ftp		IN CNAME	mail.mijndomein.naam.
    www		IN CNAME	mail.mijndomein.naam.
</ProgramListing>

<Para>Voorbeeld entries in het
``<Literal><Filename>/var/named/123_12.rev</Filename></Literal>'' reverse
lookup bestand:</Para>

<ProgramListing>
; Dit is het Start of Authority record. Hetzelfde als in de forward lookup
; tabel.
    @ IN SOA mijndomein.naam.  postmaster.mijndomein.naam. (
	19990811	; Serienummer
	3600		; 1 uur refresh
	300		; 5 minuten retry
	172800		; 2 dagen expiry
	43200 )		; 12 uur minimum

; Name servers zoals opgesomd in forward lookup tabel
	IN NS		mail.mijndomein.naam.
	IN NS		isp.domein.naam.com.

; Een lijst met computernamen &amp; adressen, maar dan omgekeerd.
; We wijzen hier meer dan &eacute;&eacute;n class C toe, dus we moeten hier
; ook het class B gedeelte opsommen.
    40.41	IN PTR    spock.mijndomein.naam.
    41.41	IN PTR    mail.mijndomein.naam.
    42.41	IN PTR    kirk.mijndomein.naam.

; Zoals je kunt zien, kunnen we onze andere class C's toewijzen, zolang ze maar
; onder de 123.12.* class B adressen zijn
    24.42	IN PTR    tsingtao.mijndomein.naam.
    250.42	IN PTR    redstripe.mijndomein.naam.
    24.43	IN PTR    kirin.mijndomein.naam.
    66.44	IN PTR    sapporo.mijndomein.naam.

; In het reverse lookup bestand zouden geen alias (gebruikelijke) namen
; moeten staan (om vanzelfsprekende redenen).
</ProgramListing>

<Para>Enige andere reverse lookup bestanden die nodig zijn om adressen in een
andere class B (zoals 126.27.*) in te delen, kunnen worden aangemaakt,
en die zouden er vrijwel hetzelfde uitzien als het reverse lookup 
voorbeeldbestand van hierboven.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Zorg ervoor dat de named daemon draait. Deze daemon wordt
normaal gesproken bij de systeemstart vanuit het bestand
``<Literal><Filename>/etc/rc.d/init.d/named</Filename></Literal>'' opgestart.
Je kunt de daemon ook handmatig starten en stoppen; typ respectievelijk
``<Literal>named start</Literal>'' en ``<Literal>named stop</Literal>''.
</Para></ListItem>

<ListItem><Para>Wanneer er wijzigingen aan de DNS-tabellen worden aangebracht,
zou de DNS-server opnieuw moeten worden opgestart door het intikken van
``<Literal>/etc/rc.d/init.d/named restart</Literal>''. 
Wellicht dat je je wijzigingen dan wilt testen door gebruik te maken van
een tool zoals <Quote><Literal>nslookup</Literal></Quote> om de computer
die je hebt toegevoegd of gewijzigd te ondervragen.
</Para></ListItem>
</OrderedList>

<Para>Meer informatie over het configureren van DNS-services is te vinden
in de ``<Emphasis>DNS-HOWTO</Emphasis>'' op
<ULink URL="http://metalab.unc.edu/Linux/HOWTO/DNS-HOWTO-5.html">
http://metalab.unc.edu/Linux/HOWTO/DNS-HOWTO-5.html</ULink>.</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="internet-user-authentication"><Title>Internet User Authenticatie met TACACS</Title>

<Para>Op mijn werk maken we voor TACACS authenticatie van dial-up Internet
gebruikers (die een verbinding hebben met onze modempool en die op hun 
beurt weer verbonden zijn aan een paar Cisco 250x access servers)
gebruik van de Vikas versie van <Quote>xtacacsd</Quote>.</Para>

<Para>Na het compileren en installeren van het Vikas package (laatste versies
zijn beschikbaar vanaf <ULink URL="ftp://ftp.navya.com/pub/vikas">
ftp://ftp.navya.com/pub/vikas</ULink>; Ik geloof niet dat het package
beschikbaar is in het RPM-formaat), zou je de volgende records aan het
bestand ``<Literal><Filename>/etc/inetd.conf</Filename></Literal>'' toe moeten
voegen zodat de daemon door de inetd-daemon zal worden geladen als er een
TACACS-verzoek is ontvangen.
</Para>

<ProgramListing>
# TACACS is een user authenticatie protocol dat voor Cisco Router producten
# wordt gebruikt.
tacacs dgram udp wait root /etc/xtacacsd xtacacsd -c /etc/xtacacsd-conf
</ProgramListing>

<Para>Vervolgens zou je het bestand
``<Literal><Filename>/etc/xtacacsd-conf</Filename></Literal>'' moeten
wijzigen en het overeenkomstig je systeem aan moeten passen (alhoewel
je waarschijniljk de standaardinstellingen kunt gebruiken, zoals ze zijn).
</Para>

<Note><Para>Noot: Als je gebruik maakt van shadow passwords (zie de <XRef
LinkEnd="shadow-file-formats"> voor details), zal je wat problemen met
dit package ondervinden. Helaas wordt PAM (Pluggable Authentication Module),
wat Red Hat gebruikt voor de authenticatie van gebruikers, door dit package
niet ondersteund. De oplossing die ik gebruik is om een apart
``<Literal><Filename>passwd</Filename></Literal>'' bestand in
``<Literal><Filename>/usr/local/xtacacs/etc/</Filename></Literal>'' 
bij te houden die overeenkomt met die in /etc/ maar dan zonder shadow.
Dit is een beetje een gedoe en als je hiervoor kiest, zorg er dan voor dat
je de permissies op het andere wachtwoordbestand instelt om er zeker van
te zijn dat het alleen voor root leesbaar is:
</Para></Note>

<Screen>
<UserInput>chmod a-wr,u+r /usr/local/xtacacs/etc/passwd</UserInput>
</Screen>

<Para>Als je inderdaad gebruikt maakt van shadow, zal je vrijwel zeker
het bestand ``<Literal><Filename>/etc/xtacacsd-conf</Filename></Literal>''
moeten wijzigen en de lokatie van het niet-shadowed wachtwoordbestand
(in de veronderstelling dat je gebruik maakt van de oplossing die ik
hierboven aanbeveelde).
</Para>

<Para>De volgende stap bestaat uit het configureren van je
access server(s) om logins voor de gewenste devices (zoals dial-up modems)
met TACACS te verifi&euml;ren. Hier is een voorbeeldsessie van hoe je dit
kunt doen:</Para>

<Screen>
<Prompt>mail:/tftpboot#</Prompt> <UserInput>telnet xyzrouter</UserInput>

Escape character is '^]'.
User Access Verification
<Prompt>Password:</Prompt> <UserInput>****</UserInput>
<Prompt>xyzrouter></Prompt> <UserInput>enable</UserInput>
<Prompt>Password:</Prompt> <UserInput>****</UserInput>
<Prompt>xyzrouter#</Prompt> <UserInput>config terminal</UserInput>
Enter configuration commands, one per line.  End with CNTL/Z.
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server attempts 3</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server authenticate connections</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server extended</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server host 123.12.41.41</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server notify connections</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server notify enable</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server notify logouts</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>tacacs-server notify slip</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>line 2 10</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config-line)#</Prompt> <UserInput>login tacacs</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config-line)#</Prompt> <UserInput>exit</UserInput>
<Prompt>xyzrouter(config)#</Prompt> <UserInput>exit</UserInput>
<Prompt>xyzrouter#</Prompt> <UserInput>write</UserInput>
Building configuration...
<Prompt>[OK]</Prompt> <UserInput> </UserInput>
<Prompt>xyzrouter#</Prompt> <UserInput>exit</UserInput>

Connection closed by foreign host.
</Screen>

<Para>Alle logmeldingen over TACACS activiteiten zullen voor onderzoek in 
``<Literal><Filename>/var/log/messages</Filename></Literal>'' worden
opgenomen.
</Para>

</Sect1>

<Sect1 id="samba-file-and-print"><Title>Windows-stijl File en Print Services met Samba</Title>

<Para>Linux kan in SMB-services voorzien (bv. het delen van bestanden &amp;
printers in de stijl van WfW, Win95, en NT netwerken), door gebruik te maken
van het Samba package. In deze sectie zal worden beschreven hoe je gedeelde
bronnen configureert, en hoe je ze vanaf client-machines kunt benaderen.
</Para>

<Para>Het Samba package wordt met de Red Hat distributie meegeleverd, je
kunt controleren of het is ge&iuml;nstalleerd en welke versie je hebt,
door het intikken van:
</Para>

<Screen>
<UserInput>rpm -q samba</UserInput>
</Screen>

<Para>Als het niet is ge&iuml;nstalleerd, zal je het nog moeten installeren
met behulp van het RPM-utility.
Zie de <XRef LinkEnd="using-rpm"> voor details over hoe je dit kan doen.</Para>

<Para>De belangrijkste van belang zijnde Samba-bestanden zijn:
</Para>

<VariableList>

<VarListEntry>
<Term>/etc/smb.conf</Term>
<ListItem><Para>Samba configuratiebestand waarin gedeelde bronnen en andere
configuratieparameters kunnen worden ingesteld
(zie onder)</Para></ListItem>
</VarListEntry>

<VarListEntry>
<Term>/var/log/samba/</Term>
<ListItem><Para>Locatie van Samba's logbestanden</Para></ListItem>
</VarListEntry>

<VarListEntry>
<Term>/home/samba/</Term>
<ListItem><Para>Aanbevolen lokatie waar bestanden voor gezamenlijk gebruik
zouden moeten worden ingesteld. Je zou echter een lokatie uit moeten kiezen
waar je voldoende ruimte op het bestandssysteem hebt passend voor de
bestanden dit je op wilt slaan. Persoonlijk gebruik ik meestal een grote
partitie gemount op /archive/ en plaats hier mijn bestanden voor gezamenlijk
gebruik.
</Para></ListItem>
</VarListEntry>

</VariableList>

<Para>Het bestand ``<Literal><Filename>/etc/smb.conf</Filename></Literal>''
bevat configuratie-informatie over gezamelijk te gebruiken bestanden &amp;
printers. De eerste paar regels van het bestand bestaan uit globale configuratie
richtlijnen, die voor alle gedeelde bronnen gelijk zijn (tenzij ze teniet
worden gedaan op basis van &eacute;&eacute;n gedeelde bron), gevolgd door share secties.
</Para>

<Para>De Samba-installatie bestaat onder andere uit een standaard smb.conf
bestand dat in veel gevallen voldoende zou moeten zijn voor wat je nodig
hebt en slechts een paar wijzigingen vereist.
</Para>

<Para>Hier is een voorbeeld van dit bestand (dat ik flink heb aangepast om
je een aantal van de meer belangrijke en interessante opties te laten zien):
</Para>

<ProgramListing>
# Items gelijk voor alle gedeelde bronnen (tenzij overschreven op basis van
